Offeren — opofferen — offer— (ten ... brengen) betekenis & definitie

Van datgene wat den mensch dierbaar is (geld en goed, gezondheid en leven) afstand doen, het prijs geven ter wille van iemand, dien men hoog waardeert, of van iets dat men vurig verlangt, of als een hooger goed beschouwt. Opofferen is in deze opvatting de gewone uitdrukking, offeren behoort tot den hoogeren stijl.

In ten offer brengen, dat, wat het gebruik betreft, tusschen offeren en opofferen het midden houdt, treedt het vrijwillige der handeling iets meer op den voorgrond. Buddha bracht alles, wat in het oog van gewone menschen waarde bezit, macht, aanzien, rijkdom en genot, aan zijne gods¬dienstige overtuiging ten offer. Alles opofferen aan zijne heerschzucht.