Groot wielerwoordenboek

van asfalteczeem tot zoetemelkpositie (uitgave 1989)

Gepubliceerd op 25-05-2017

2017-05-25

licentie

betekenis & definitie

Bewijs dat men lid is van een wielerbond; startvergunning. Sedert 1894 moet iedere deelnemer aan een wedstrijd zo’n rijbewijs hebben. Een renner die wordt geschorst, kan (tijdelijk) zijn licentie kwijtraken. Frans: licence. Engels: permit.

Het feit, dat Post mij zo maar zonder meer aan de kant had gezet heeft me enorm gemotiveerd om die maanden zo te trainen, terwijl ik toen nog niet eens wist of ik in februari nog prof zou zijn. Maar wat ik wel wist, was dat als ik nog een licentie zou hebben, dat dat dan bij een grote ploeg zou zijn, die in de klassiekers zou uitkomen. (Mario de Boer: Steven Rooks. De sportman van het jaar vertelt zijn levensverhaal. 1989)

‘Zoals het nu gaat, zakt de Nederlandse wielrennerij steeds verder in het moeras,’ moppert Klokkemeijer. Ter illustratie trekt hij een velletje met statistieken uit zijn map. De cijfers zijn schrijnend. In 1988 kon de KNWU nog 7338 renners met een licentie registreren, vorig jaar waren dat er nog slechts 5600. (Trouw, 10/05/1996)