Badminton betekenis & definitie

(1915, uit het Engels) soort tennis met een shuttle

Volgens L. de Wolff (1951) dankt Nederland de introductie van het badminton aan A. den Hoed uit Schiedam. Omstreeks 1920 had Den Hoed de sport leren kennen in Ierland. Elf jaar later was hij een van de oprichters van de Nederlandse Badminton Bond. De sport is genoemd naar Badminton House, het kasteel van de hertog van Beaufort in Avon, voorheen Gloucestershire. Het was hier dat het eerste spelletje badminton werd gespeeld.

Over de precieze gang van zaken lopen de meningen uiteen. Volgens sommigen is de uitvinding van het badminton te danken aan een regenbui. In 1860 gaf de hertog van Beaufort een tuinfeest. De kinderen amuseerden zich met een oeroud spelletje dat vroeger in Nederland bekendstond als vederbal en in Engeland als battledore of shuttlecock. Met paletjes sloegen zij een met leer overtrokken en met veertjes versierd balletje van kurk naar elkaar over. Door slecht weer dreigde alles ineens mis te lopen. Maar vindingrijke gasten spanden een net in de hal van Badminton House, namen het kinderspeelgoed in beslag en voilà, badminton was een feit. Een van de feestgangers vertrok later naar India, zo vervolgt deze geschiedenis, waar hij het spel introduceerde.

Waarschijnlijker is echter dat het spelletje met pluimbal en racket omstreeks 1873 voor het eerst op een feest te Badminton House werd gespeeld door Engelse officieren die de sport in India hadden leren kennen. Volgens sommigen zou het daar poon worden genoemd, maar het kan goed zijn dat hier sprake is van verwarring met de Indiase plaats Poona, waar de badmintonregels voor het eerst werden vastgelegd. Anderen situeren deze mijlpaal te Karachi - wat bewijst dat de prehistorie van het badminton nooit goed in kaart is gebracht.

Zeker is dat het spel in Engeland aanvankelijk vooral werd gespeeld in Bath en Cheltenham en andere plaatsen waar gepensioneerde kolonialen samenkwamen. Het spel won echter snel aan populariteit. In 1895 werd de Badminton Association opgericht en in 1899 werden de eerste kampioenschappen uitgeschreven. Er verscheen een Badminton Magazine en een Badminton Gazette en binnen korte tijd raakte het spel ook buiten Engeland bekend. Amerika liep wat dit betreft voorop. Al in 1878 werd in New York een badmintonclub opgericht. Alleen mannen en meisjes die 'goodlooking' èn ongebonden waren, werden toegelaten. Nederland zag badminton aanvankelijk als een puur Britse aangelegenheid. De Winkler Prins maakte er in 1915 melding van, naar het lijkt met enige verbazing: 'In Engeland bestaat zelfs een "Badminton Association".' In 1938 omschreef een woordenboek badminton als een 'soort van tafeltennis'. En in 1948 meldde de Winkler Prins: 'In Nederland is er omstreeks 1930-1935 een vleug van belangstelling geweest, met bezoek van bekende spelers, doch opgang heeft het spel hier nog niet gemaakt, vnl. door gemis aan goede spelgelegenheid.' Waarschijnlijk is dit de verklaring waarom het zo lang duurde voordat onze handwoordenboeken dit woord opnamen. Van Dale vermeldt badminton pas sinds 1950, Koenen sinds 1952 - ruim dertig jaar nadat A. den Hoed het spel uit Ierland meenam naar Schiedam.

Engels badminton (1874); Duits Badminton; Frans badminton (1882).

Vergelijk rugby

Peek & Aflalo Ency. sport games (1900); Ency. Brit" 3 (1910) 189-190; Winlder Prins' 2 (1915) 486; Oosthoek ency.' 2 (1932) 75; Brandt Het vreemde woord (1938') 76; Winlder Prins' 3 (1948) 36; De Wolff Sport ency. (1951) 122; Arlott Oxf. Camp. Spons & Games (1975) 42-43; Ency. Brit" 18 (1981) 139; Pfeifer Etym. Wtb. d. Deutschen (1993') 87; OED (199 32).