Wat is de betekenis van wrok?

2019
2021-02-25
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

wrok

wrok - Zelfstandignaamwoord 1. blijvend gevoel van onvrede over geleden of vermeend onrecht wrok - Werkwoord 1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wrokken ♢ Ik wrok 2. gebiedende wijs van wrokken wrok! 3. (bij inversie) tweede perso...

Lees verder
2018
2021-02-25
Muiswerk Educatief

Nederlands woordenboek voor onderwijs

wrok

wrok - zelfstandig naamwoord 1. opgekropt haatgevoel ♢ hij voelde wrok door het onrecht dat hem was aangedaan Zelfstandig naamwoord: wrok de wrok Synoniemen rancune

Lees verder
1973
2021-02-25
Oosthoek Encyclopedie

De Oosthoek is een Nederlandse encyclopedie die in verschillende uitvoeringen is verschenen

wrok

m., bitter gevoel in het hart wegens aangedaan leed of onrecht, m.n. jegens de veroorzaker daarvan, geneigdheid tot wraak: een (heimelijke) — tegen iemand hebben.

1950
2021-02-25
Dikke Van Dale

Nederlands woordenboek (7e druk)

Wrok

m., bitter gevoel in het hart wegens aangedaan leed of onrecht, bep. jegens de veroorzaker daarvan, geneigdheid tot wraak: een (heimelijke) wrok tegen iemand hebben; uit wrok iemand benadelen.

1898
2021-02-25
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

WROK

WROK, m. het gevoel van bitteren haat in het hart, dat zich door wraak uit : een (heimelijken) wrok tegen iem. hebben; uit wrok iem. benadeelen.