Wat is de betekenis van WEERSCHAAP?

2026-10-09
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

weerschaap

('we:r) o. (...schapen) [weder lIl] hamel.

2026-10-09
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

WEERSCHAAP

WEERSCHAAP - o. (...schapen), hamel.

Gerelateerde zoekopdrachten