Wat is de betekenis van schoeisel?

2024-02-25
Thesaurus voor Mode & Kostuums

Ensie (2018)

schoeisel

Bedekkingen voor de voeten die soms tot boven de enkel lopen en over het algemeen van duurzaam materiaal zijn gemaakt. Wordt onderscheiden van `kousen en sokken' die primair beenbedekkingen zijn.

2024-02-25
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

schoeisel

schoeisel - zelfstandig naamwoord uitspraak: schoei-sel 1. alles wat aan je voeten gedragen kan worden, behalve sokken en kousen ♢ ze verkopen daar allerlei schoeisel: instappers, laarzen en wandelschoenen Zelfstandig naamwoord: schoei-sel...

2024-02-25
Art & Architecture Thesaurus

Getty Research Institute (1990)

schoeisel

schoeisel - Bedekkingen voor de voeten die soms tot boven de enkel lopen en over het algemeen van duurzaam materiaal zijn gemaakt. Wordt onderscheiden van `kousen en sokken' die primair beenbedekkingen zijn.

2024-02-25
Lexicon der Natuurgeneeskunde

Ernst Meyer Camberg (1981).

Schoeisel

moet de voet behoeden voor verwondingen en beschermen tegen vuil en koude; jammer genoeg tegenwoordig onderhevig aan mode. Het dichtst bij de natuurlijke toestand staat de sandaal, die de voet niet belemmert bij het bewegen en het verdampen van de vochtafscheiding niet tegenhoudt. Om de voeten gezond te houden moet men sandalen dragen; op blote voe...

Wil je toegang tot alle 15 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2024-02-25
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Schoeisel

s.n., skoaijing, fuotwurk (it), -ark (it), -guod (it).

2024-02-25
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Van Dale Uitgevers (1950)

Schoeisel

o. (-s), schoenen, laarzen, alle voetbekleedsels; houten schoeisel, klompen.

2024-02-25
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

schoeisel

o. schoeisels (schoenwerk; voetbekleedsels [van leer]): het schoeisel was in slechte staat.

2024-02-25
Katholieke Encyclopaedie

Uitgeverij Joost van den Vondel (1933-1939)

Schoeisel

Voetbekleeding. Voor de soorten van s. zie ➝ Laars, Schoen. Voor de vervaardiging zie ➝ Schoenindustrie, Steekmaat. Wat het gebruik van s. in den loop der tijden betreft, zie het volgende:In de Oudheid. De Egyptenaren droegen sandalen, welke van geprepareerde palmbladen of papyrus vervaardigd en van linnen voering voorzien waren. Leder werd slechts...

2024-02-25
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

schoeisel

(‘schoesəl)o. (-s tje) datgene waarmede men geschoeid is nl. I. leren voetbekleedsel,schoenen, laarzen: zijn is in slechte staat; houten -, klompen. 2.leren handschoenen: zijn handen waren strak in het gespannen.

2024-02-25
Polulaire Geneeskundige Encyclopaedie

Dr. Ch. Bles (1929)

Schoeisel

zie Voetbekleeding.

2024-02-25
Encyclopaedie voor de huisvrouw

Vrouwenrubriek Algemeen Handelsblad (1928)

SCHOEISEL

Poetst gij uw schoenen zelf? Als gij deze vraag ontkennend beantwoordt, zou ik u willen toeroepen: „Dan worden ze ook niet op de juiste manier behandeld.” Ik geef toe, dat het misschien een beetje gewaagd is, te generaliseeren, maar over het algemeen beschouwt ons personeel het schoenen poetsen als „quantité néglige...

2024-02-25
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

Schoeisel

o. (-s), voetbekleding als bedekking en als sieraad. Het schoeisel is op verschillende plaatsen en in verschillende tijden ontstaan. In de vroegste tijden bestond het uit een om de voet gebonden stuk dierehuid, geklopte boomschors of plantebladeren. Het schoeisel diende, afhankelijk van het klimaat, als bescherming tegen de hete grond en scherpe do...

2024-02-25
Keur van Nederlandsche woordafleidingen

J.Pluim (1911)

Schoeisel

afl. van schoe, ons latere schoen (z. d. w.). Het woord zegt dus: het middel, waarmee men zich schoeit.

2024-02-25
Vivat's Geïllustreerde Encyclopedie

J. Kramer (1908)

Schoeisel

voetbekleeding, wordt gemaakt van leer (schoenen, bottines, laarzen), weefsels, vilt, hout enz., handwerk of machinaal. Zie ook Sandalen.

2024-02-25
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Schoeisel

Schoeisel - o. (-s), schoenen, laarzen, alle voetbekleedsels van leder; houten schoeisel, klomp, holsblok.