Wat is de betekenis van ontspullen?

2022
2023-01-29
Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster

ontspullen

(2013) (inf.) spullen wegdoen. • Recent vielen de nieuwe afleidingen verappen (ergens een app bij of van maken) en ontspullen (overtollige spullen wegdoen of weggooien) op. (Vivien Waszink: Woord! De taal van nederhop. 2013)

Lees verder
2020
2023-01-29
Neologismen

Instituut voor de Nederlandse taal

ontspullen

overbodige spullen weggooien, weggeven of voor een klein bedrag verkopen om zo min mogelijk onnodigs te bezitten; zich van overbodige spullen ontdoen; spullen wegdoen Nieuwe lentetrend: ontspullen. Een nieuwe rage lijkt in gang gezet. Perfect voor deze koude, regenachtige dagen voordat de zomer echt van start gaat! Het idee is om zo weinig mogelijk...

Lees verder
2020
2023-01-29
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

ontspullen

spullen wegdoen. overbodige spullen weggooien, weggeven of voor een klein bedrag verkopen om zo min mogelijk onnodigs te bezitten; zich van overbodige spullen ontdoen; spullen wegdoen. Voorbeelden: Nieuwe lentetrend: ontspullen. Een nieuwe rage lijkt in gang gezet. Perfect voor deze koude, regenachtige dagen voordat de zomer echt van...

Lees verder