Wat is de betekenis van meesteres?

2020
2022-09-29
Algemeen Nederlands Woordenboek

Digitaal woordenboek van eigentijdse Nederlands

meesteres

Het begrip meesteres heeft 6 verschillende betekenissen: 1) onderwijzeres. vrouwelijke onderwijzer; onderwijzeres. 2) leermeesteres. vrouwelijke leermeester; leermeesteres; lerares. 3) zeer bekwaam vakvrouw. vrouw die zeer goed is in een bepaald vakgebied, met name in een tak van kunst of wetenschap. 4) heerseres. vro...

Lees verder
2019
2022-09-29
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

meesteres

meesteres - Zelfstandignaamwoord 1. een vrouw die macht en gezag heeft 2. een vrouw die uitblinkt in een bepaalde vaardigheid 3. een vrouwelijke meerdere in een sadomasochistische relatie Woordherkomst afgeleid van meester met het achtervoegsel -es

Lees verder
2017
2022-09-29
Prostituees en pooiers

Jargon & Slang van Prostituees en pooiers

Meesteres

Meesteres - prostituée die de dominante rol vervult in een sadomasochistisch rollenspel. De klant is dan de slaaf.

2004
2022-09-29
Vlaams-Nederlands woordenboek

Peter Bakema

meesteres

(de, -sen) in België ook: onderwijzeres. En in Vlaanderen was het zoals Willem Vermandere zingt: de overheersing was ons meesteres. - DS, 06-07-2002.

Lees verder
1999
2022-09-29
Woordenboek van Neologismen

Geschreven door Marc de Coster ©

Meesteres

Meesteres - vrouw die binnen een sadomasochistische relatie de dominante rol vervult. De term komt al voor sinds het begin van de jaren tachtig, aanvankelijk meestal in de verbinding strenge meesteres. → dominatrix. Hij had gevraagd om ‘de strengste meesteres die ze kenden’. Barend Toet: Het Kathmandukomplot, 1991 Als je snel binnen wilt zijn, moe...

Lees verder
1991
2022-09-29
Lesbotaal Lexicon (1991)

Lesbiaans : lexicon van de lesbotaal (1991). Geschreven door Kunst, Hanneke, en Xandra Schutte.

Meesteres

Meesteres - dominante in SM-spel. De meesteres vraagt: 'Je vindt zelf dat je straf verdiend hebt? Wil je dat ik je sla?’ De masochiste die zo hunkert naar een pak voor haar billen, heft deze nog hoger en lispelt ‘ja’. (Slechte meiden, 1990 nr.10). Ook M. Zie ook top.

Lees verder
1973
2022-09-29
Oosthoek Encyclopedie

Nederlandse encyclopedie

meesteres

v. (-sen), 1. (gew.) onderwijzeres; vrouw van een onderwijzer; 2. vrouw des huizes; 3. opperste gebiedster; geliefde.

Lees verder
1952
2022-09-29
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Meesteres

s., frou, pl. frouwen; masteresse, bazinne.

1950
2022-09-29
Groot woordenboek der Nederlandse taal

Nederlands woordenboek (7e druk - 1950)

Meesteres

v. (-sen), 1. (Zuidn.) onderwijzeres; — vrouw van een onderwijzer. 2. vrouw des huizes; 3. opperste gebiedster: Brittanje, gij, die op de baren geen meesteresse kent (Bilderdijk). 4. geliefde: meesteresse van mijn hart.

Lees verder
1937
2022-09-29
Koenen woordenboek 1937

M. J. Koenen's Verklarend handwoordenboek

meesteres

v. meesteressen; gebiedster; vrouw des huizes; vrouw van den onderwijzer; Z.-N. onderwijzeres.

1930
2022-09-29
Jozef Verschueren

Modern Woordenboek (1930-1961)

meesteres

(me.sta’res) v. (-sen) 1. Algm. zij die boven anderen staat. 2. Inz. vrouw des huizes.

Lees verder