Wat is de betekenis van Ingenomen?

2025-12-11
Nederlandstalige WikiWoordenboek

Wiktionary (2019)

ingenomen

ingenomen - Werkwoord 1. voltooid deelwoord van innemen

2025-12-11
Muiswerk Educatief

Muiswerk Educatief (2017)

ingenomen

ingenomen - bijvoeglijk naamwoord uitspraak: in-ge-no-men 1. het prettig en goed vinden ♢ ze was erg ingenomen met haar nieuwe vriend Bijvoeglijk naamwoord: in-ge-no-men

2025-12-11
Frysk Wurdboek (Friesch woordenboek)

Fa. A.J. Osinga (1952)

Ingenomen

adj.;met, wiis mei, yn’t skik op ’t skik mei, forrike mei, op ’t snjit mei forgulde mei, foreale mei, brat mei ynnommen, ynnomd mei; ergens mee zijn, earne tige oer to brûken wêze earne mei to stek stean; ik ben er erg mee —, it is my great; niet bijzonder met iem....

2025-12-11
Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal

M. J. Koenen's (1937)

ingenomen

bn. (bijzonder gesteld op; bij uitstek houdend van): hij is met dien persoon, met die zaak zeer ingenomen, heeft er sympathie voor; ook: tegen iets of iem. ingenomen zijn, afkeer hebben.

2025-12-11
Modern Woordenboek

Jozef Verschueren (1930)

ingenomen

('in) bn. (-er, -st) 1. gesteld op, houdend van, sympatie hebbend voor : met iemand, met zijn betrekking zijn. 2. afkeer, tegenzin, antipatie hebbend : tegen iemand, iets zijn.

2025-12-11
Oosthoek Encyclopedie

Oosthoek's Uitgevers Mij. N.V (1916-1925)

ingenomen

bn. (-er, -st), 1. met, behagen en genoegen of genoegdoening vindend in, bekoord door, blij met: hij is zeer met zijn nieuwe betrekking; met zichzelf — zijn, ingebeeld, verwaand; 2. tegen iemand of iets — zijn, er een afkeer van hebben, er negatief tegenover staan.

2025-12-11
Etymologisch Woordenboek

Instituut voor de Nederlandse taal

ingenomen

ingenomen bn. 'sympathie hebbend, bekoord' categorie: geleed woord Vnnl. ingenomen zijn 'bekoord worden (door iets of iemand)' [1655; WNT innemen], meestal ingenomen zijn met (iets of iemand) 'id.' [1657; WNT]. Verl.deelw. van innemen, uit in en ...

2025-12-11
Groot woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale (1898)

Ingenomen

INGENOMEN, bn. (-er, -st), ingenomen met, bijzonder gesteld (op), verzot (op), bij uitstek houdende (van): hij is zeer ingenomen met zijne nieuwe betrekking. INGENOMENHEID, v.

2025-12-11
Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

I.M. Calisch (1864)

Ingenomen

Ingenomen, dw. zie INNEMEN. *-, bn. - met, bijzonder gesteld (op), verzot (op), bij uitstek houdende (van). *...GESCHAPEN, bn. door schepping ontvangen, aangeboren; - kennis, - denkbeelden; de leugen is hem -. *...GESLOTEN, dw. zie INSLUITEN. -, bn. en bijw. de hier - brief, die hierbij gevoegd is; er onder begrepen. *...GETOGEN, bn. en bijw. (-e...

2025-12-11
Prisma Nederlands Fries

Unieboek | Het Spectrum (2025)

Wil je toegang tot alle 14 resultaten?

Ja, ik word vriend van Ensie!
2025-12-11
Prisma Groot Woordenboek Nederlands

Unieboek | Het Spectrum (2025)