Wat is de betekenis van ALLOOI?

2019
2021-09-27
Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

allooi

allooi - Zelfstandignaamwoord 1. (verouderd) vaste oplossing van metalen Elektrum is een allooi van zilver en goud. 2. (hoog) gehalte aan bijvoorbeeld goud, samenstelling, waarde, vaak overdrachtelijk Dit is dichtkunst van allooi. Wo...

Lees verder
1994
2021-09-27
Vreemde woorden

Woordenboek vreemde woorden

Allooi

[Fr. aloi = goudgehalte, zilvergehalte, slag, soort] 1 gehalte aan zuiver goud of zilver, vooral van muntstukken; 2 (fig.) innerlijk gehalte, waarde, peil, hoedanigheid; dat is van weinig allooi, weinig waard.

Lees verder
1993
2021-09-27
Vreemd Nederlands

Jan Meulendijks

Allooi

gehalte; waarde

1955
2021-09-27
Vreemd woordenboek

Vreemde woorden woordenboek

Allooi

o., gehalte der muntspeciën; in ’t algemeen gehalte der vermengde metalen.

1952
2021-09-27
Frysk Wurdboek

Friesch woordenboek

Allooi

s.n., alloai (it).

1950
2021-09-27
Groot woordenboek der Nederlandse taal - 1950

Nederlands woordenboek (7e druk)

Allooi

o., 1. gehalte aan zuiver goud of zilver, vooral van muntstukken; — (fig.) innerlijk gehalte, waarde, hoedanigheid: die dames zijn zo wat van ’t zelfde allooi, even veel waard, even licht; — poëzie van beter allooi, van hogere waarde; 2. (scheik., vero.) metaalverbinding in ’t algemeen, legering, alliage....

Lees verder
1948
2021-09-27
Kramers woordentolk

Vreemde woorden, uitdrukkingen en afkortingen (1948)

allooi

o. de hoeveelheid van een geringer metaal met een beter gemengd; gehalte der muntspeciën; gehalte.

1939
2021-09-27
Koenen

Woordenboek Koenen

Allooi

o. (Fr. à loi = volgens de wet: gehalte aan zuiver goud of zilver; alliage): fig. mensen van slecht allooi, soort, slag.

1933
2021-09-27
Iedereen

Encyclopedie voor Iedereen

Allooi

(Fransch à loi = volgens de wet), gehalte v/e mengsel aan zuiver metaal.

1933
2021-09-27
Katholieke Encyclopaedie

25 delen, uitgegeven 1933-1939. Uitgeverij Joost van den Vondel te Amsterdam.

Allooi

Allooi - Het gehalte (aan edelmetaal) van munten. Voor de Nederlandsche munten bedraagt het a.: gouden tientje 900/1000, gouden vijfguldenstuk 900/1000, dukaat 983/1000, rijksdaalder, gulden en ⅛ gulden 720/1000, kwartje en dubbeltje 640/1000, stuiver 260/1000 nikkel, 2½ cent, cent en ½ cent 950/1000 koper. België bepaalde op 25 October 1926, dat 3...

Lees verder
1919
2021-09-27
uitdrukkingen

Woorden en uitdrukkingen verklaard

Allooi

mnl. aloy, alloy, van het fra. a loi, de uitdrukking voor het wettelijk gehalte van het edel metaal in de munten; dan werd het, vooral door den invloed van het fra. werkw. allier, ofra. alloyer (lat. alligarè), waarvan ook alliage komt, meer en meer ook gebruikt in den zin van dit laatste woord. Overdrachtelijk werd het gebruikt in de bet. v...

Lees verder
1916
2021-09-27
Technisch woordenboek

H.J. van Eyk

Allooi

Een allage wordt verkregen door het samensmelten van een of meer metalen Het gehalte, de hoedanigheid, de percentische samenstelling van zoo’n alliage noemt men het allooi.

1916
2021-09-27
Oosthoek 1916

Nederlandse encyclopedie, uitgegeven van 1916-1925.

Allooi

Allooi - hoedanigheid, graad van fijnheid, gehalte van edele metalen in legeeringen. Bij muntspeciën is het allooi het wettelijk gehalte aan edele metalen in de munten. Het allooi van zilverhoudende metaalverbindingen wordt in Nederland aangegeven door de opgaaf van het aantal deelen fijn of zuiver zilver, dat in 1000 deelen van het vervaardigde me...

Lees verder
1910
2021-09-27
Handelslexicon

Handelslexicon (1910) door J. Hagers

Allooi

Allooi - gehalte.

1898
2021-09-27
Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

ALLOOI

Allooi o. gehalte aan zuiver goud of zilver, vooral van muntstukken; — (scheik.) metaalverbinding in ’t algemeen, legeering, alliage; — (fig.) waarde, hoedanigheid die dames zijn zoo wat van ’t zelfde allooi, even veel waard, even licht; — eene jas van beter allooi; van eene betere stof.

Lees verder