Onze Taal Woordpost

Genootschap Onze Taal (2020)

Gepubliceerd op 25-01-2021

humidor

betekenis & definitie

ruimte of kist om sigaren in te bewaren onder de juiste omstandigheden

uitspraak
[hu-mie-door]

citaat
"Nu kan het natuurlijk dat het afzien is, als je topbankier bent. (...) De lakgeur die opstijgt van je schoenen en je notenhouten bureau. De banale conversaties met je privéchauffeur. Of dat je humidor niet de juiste vochtigheidsgraad heeft. Dat zou kunnen."
Bron: Waarom heet het salaris van bankiers eigenlijk een beloning? (Japke-d. Bouma, nrc.next, 25 mei 2016)

woordfeit
Een humidor is een doos, kist of ruimte waarin de luchtvochtigheid dusdanig is aangepast (of wordt gecontroleerd) dat de sigaren die erin bewaard worden, niet te droog of te vochtig worden.
Het woord komt uit het Engels. Het is afgeleid van humid 'vochtig' en heeft daarbij waarschijnlijk het patroon gevolgd van cuspidor 'spuwpot, spuwbak', een Portugees leenwoord, dat we in het Nederlands kennen als humid komt van het Latijnse humidus/umidus 'vochtig, sappig', een afleiding van humere/umere 'vochtig zijn', waar ook humor/umor 'vocht, vloeistof' van is afgeleid. Onze woorden humeur en humor komen daar ook uit voort: enkele eeuwen geleden geloofde men dat je 'lichaamssappen' (bloed, slijm, gele gal, zwarte gal) de factoren waren die je humeur en je karakter bepaalden.