Definities van Groot woordenboek der Nederlandse taal in de Ensie M
- Mooizitten
- Moor
- Moord
- Moordaanslag
- Moordbijl
- Moordbrand
- Moordbrander
- Moorddadig
- Moorddadigheid
- Moorden
- Moordenaar
- Moordenaarsbende
- Moordenaarshand
- Moordenaarshoekje
- Moordenaarshol
- Moordenaarswerk
- Moordenares
- Moordend
- Moorderij
- Moordgeroep
- Moordgeschiedenis
- Moordgeschreeuw
- Moordgeweld
- Moordhol
- Moordjaar
- Moordkreet
- Moordkuil
- Moordlust
- Moordplan
- Moordpriem
- Moordrumoer
- Moordschavot
- Moordstaal
- Moordtoneel
- Moordtuig
- Moordvaart
- Moordvlieg
- Moordwapen
- Moordziek
- Moordzwaard
- Moorkop
- Moorpad
- Moors
- Moorse
- Moortje
- Moorzwart
- Moos
- Moot
- Mootje
- Mootvis
- Mop
- Mopje
- Mopmuts
- Mopneus
- Moppeboon
- Moppen
- Moppenblaadje
- Moppentapper
- Moppentrommel
- Mopperaar
- Mopperen
- Mopperig
- Moppig
- Moppigheid
- Mops
- Mopshond
- Mopsje
- Mopspoten
- Mopsteen
- Mopsvleermuis
- Moquant
- Moquette
- Mora
- Moraal
- Moraalphilosophie
- Moraaltheologie
- Moralisatie
- Moralische eroberungen
- Moraliseren
- Moralist
- Moraliteit
- Moraliteitsbeginsel
- Moraliter
- Moratorium
- Moravisch
- Morbide
- Morbiditeit
- Morbleu
- Morbus
- Mordant
- Mordantinkt
- Mordantvernis
- Mordechai
- Mordicus
- More
- More happy, if less wise
- More majorum
- More matter, with less art
- Moreel
- Moreen