takkebak, takkelijer betekenis & definitie

(Bargoens) slecht, onaangenaam of vervelend mens. Het voorvoegsel takke- is afgeleid van tak in de verbinding een tak(je) van een beroerte, een volkse verbastering van het Franse attaque. Een populaire verwensing is: ze kan de takken krijgen (de blaadjes komen er vanzelf aan): ze kan voor mijn part doodvallen! Met -lijer als tweede lid worden talrijke samenstellingen gevormd, het bekendste wellicht klerelijer (of: kolerelijer).

Zijn vrouw komt van het platteland, zo’n takkebak uit een dorp waar de politie nog op varkens rijdt. (Aktueel, 18/04/1991)

Laatst bijgewerkt 16-05-2017