Mafkojing betekenis & definitie

(Bargoens) wijf. Vermoedelijk een verbastering van mafkajemin (rotjodin).

Zeg, bink, hij was zo kwaad dat het mafkojing hem om de nek vasthield. Wat een colerakaffer, hè! (H. van Aalst, Onder martieners en bietsers, 1946)

Laatst bijgewerkt 06-06-2017