chianti betekenis & definitie

chianti, - m., Italiaanse, meestal robijnrode wijn, afkomstig uit het landschap Chianti, van de wijngaarden op de heuvels om Florence, Pisa en Siena.

Historisch werd chianti slechts geproduceerd in een klein gebied, het landschap Chianti dat nog steeds het recht heeft zijn wijn Chianti Classico te etiketteren. Er zijn zes naburige districten die hun produkt chianti mogen noemen, maar dan met toevoeging van de afkomst van het desbetreffende heuvelgebied, b.v. Chianti dei Colli Fiorentini (d.i. van de Florentijnse heuvels). Het zijn de uitgestrekte wijngaarden op de heuvels om Florence, Pisa, Siena en Pistoia. Het gemeenschappelijk karakter van deze superieure tafelwijnen wordt gevormd door hun fruitig aroma, robijnrode kleur, lichte neiging tot schuim vorming, betrekkelijk laag alcoholgehalte (11—12%) en vrij hoog zuurgehalte. Chianti komt meestal in de handel in de bekende bolvormige, voor de helft met stro omvlochten witte flessen (fiaschi). Naast deze jonge en frisse chianti wordt een deel van de jaarproduktie (1,1 mln. hl) in eiken vaten opgeslagen en na ten minste drie jaar gebotteld. Dit levert de krachtige en delicate Chianti Riserva. zie b.v. Chianti dei Colli Fiorentini (d.i. van de Florentijnse heuvels). Het zijn de uitgestrekte wijngaarden op de heuvels om Florence, Pisa, Siena en Pistoia. Het gemeenschappelijk karakter van deze superieure tafelwijnen wordt gevormd door hun fruitig aroma, robijnrode kleur, lichte neiging tot schuim vorming, betrekkelijk laag alcoholgehalte (11—12%) en vrij hoog zuurgehalte. Chianti komt meestal in de handel in de bekende bolvormige, voor de helft met stro omvlochten witte flessen (fiaschi). Naast deze jonge en frisse chianti wordt een deel van de jaarproduktie (1,1 mln. hl) in eiken vaten opgeslagen en na ten minste drie jaar gebotteld. Dit levert de krachtige en delicate Chianti Riserva. zie afb.

Gepubliceerd op 04-07-2019