ganzenbord - Zelfstandignaamwoord
1. Een gezelschapsspel gespeeld met dobbelstenen en pionnen
ganzenbord - Werkwoord
1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ganzenborden
♢ Ik ganzenbord
2. gebiedende wijs van ganzenborden
♢ ganzenbord!
3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van ganzenborden
♢ ganzenbord je?
Verwante begrippen
mens-erger-je-niet
Gepubliceerd op 14-11-2017
ganzenbord
betekenis & definitie