XYZ van Amsterdam

J. Kruizinga, Gerrit Vermeer (2002)

Gepubliceerd op 22-06-2018

Logementen

betekenis & definitie

Logementen zijn er voor de Alteratie* in A. niet geweest. Voorname reizigers logeerden in kloosters*, arme in de Bajert*, voor anderen was er geen andere gelegenheid dan in de huizen van sommige burgers, die tegen betaling reizigers herbergden. In 1580 werd echter in de Kalverstraat een logement gesticht, de Keizerskroon*, in een in 1568 voor het Burgerweeshuis* gebouwd pand. Sindsdien kwamen er heel wat logementen bij, zowel particuliere als van stadswege geëxploiteerde. De stad had in de 17de eeuw zeven logementen.

Eerst was het voormalige Sint Ceciliaklooster* gebruikt om aanzienlijke gasten te herbergen, zoals Leicester in 1586, prins Maurits in 1594, Maria de Medici in 1638 en Frederik Hendrik in 1641. Aan het herhaalde verblijf van de stadhouders is toen de naam Prinsenhof* ontleend. Nadat dit gebouw echter in 1656 aan de Admiraliteit* was verkocht, richtte de stad het voormalige West-lndische Huis* aan de Haarlemmerdijk in als Nieuwezijds Herenlogement* (1657). Het in 1647 geopende Oudezijds Herenlogement* werd voortaan in de plaats van het Prinsenhof gebruikt. Verder exploiteerde de stad nog de beide Stadsherbergen, de beide Doelens (de Garnalendoelen* en de Kloveniersdoelen*) en de Munt*. Particuliere logementen waren er echter eveneens en vele daarvan stonden in aanzien onder landgenoot en vreemdeling.

Er waren bijv. in de Warmoesstraat, vanouds centrum van logementen en later van hotels, de drie Liesveldtsche Bijbels* en De Beurs. In de Kalverstraat waren De Gouden Leeuw, De Graaf, De Jonge Karseboom en 't Hof van Holland. Op de Nieuwendijk kende men o.a. Het Groot Keizershof, 't Wapen van Emden, Het Gouden Vlies, De Keurvorst van Brandenburg, De Zon, De Witte Zwaan en De Drie Morianen. Het "Reysboek" van Jan ten Hoorn uit 1700 noemt een kleine honderd logementen in A. Daaronder waren er ook van minder gehalte, die vielen onder wat men nu burgerlogementen zou noemen (zie ook: Herbergen).

LIT. H.J.M. Roetemeijer, Van logement tot hotel, O.A. 1972, 150; id., Bijbelhotel tussen Beurs en Warmoesstraat 1647-1910, O.A. 1973, 342.