Woordverklaring

Dr. L.M. Metz - 1937

Gepubliceerd op 18-08-2020

Dagblindheid

betekenis & definitie

Een oogafwijking, waarbij men bij helder licht slechter ziet dan bij gedempt licht. De oorzaak daarvan is een troebeling in het midden van het hoornvlies of van de lens.

Is de oogappel nauw, dan valt er alleen licht in het oog door de troebele vlek. De hoeveelheid licht, die dan het netvlies bereikt, is gering; bovendien worden de lichtstralen in de troebeling niet goed gebroken en vormen geen scherp beeld. Is de oogappel wijd, dan valt er veel licht in het oog en de stralen gaan door een helder gedeelte. Uilen hebben een zeer wijden oogappel, waardoor zij bij nacht nog voldoende licht in het oog krijgen om te kunnen zien. Daglicht is voor uilenoogen te sterk; het oog wordt verblind. Men noemt dat echter niet dagblindheid.