Woordverklaring

Dr. L.M. Metz - 1937

Gepubliceerd op 18-08-2020

Beits

betekenis & definitie

Vloeistof, waarmede men hout duurzaam kleurt, doordat er een scheikundige werking plaats heeft tusschen de vloeistof en het looizuur van het hout. Houtsoorten, die weinig looizuur bevatten, kunnen dan ook niet gebeitst worden, wel tijdelijk gekleurd.

Men spreekt echter ook wel van beitsen van hout, als men het kleurt met teerkleurstoffen in water opgelost. Voordat men beitst, maakt men het oppervlak glanzend. Ook kan men metalen beitsen, waaronder men verstaat: de verwijdering van de roestlaag door scheikundige middelen. Ijzer en staal beitst men met 1—10 % zwavelzuur, al naar de dikte van de roestlaag. Na het beitsen dompelt men het voorwerp 5 seconden in sterk salpeterzuur en spoelt het dan in water af, waardoor het een mooien glans verkrijgt. Dan volgt drogen in zaagsel.

Zure salpeterzure kali is ook een goede beits, die wel de roest, maar niet het metaal oplost. Koper beitst men met 10 % arsenikvrij zwavelzuur.