WoordHoek

Ewoud Sanders (2024)

Gepubliceerd op 07-05-2024

Doemdenken 2.0

betekenis & definitie

Subtiel nieuws over een woord dat sinds 1980 volop in het Nederlands wordt gebruikt.

Ik moet iets rechtzetten. Onlangs hield ik ergens een praatje. Daarbij kwam een boekje ter sprake dat ik in 1999 heb gepubliceerd: Jemig de pemig! De invloed van Van Kooten en De Bie op het Nederlands. Daarin stel ik dat Kees van Kooten en Wim de Bie in 1980 het woord doemdenken hebben bedacht.

Een vrouw stak haar vinger op. Zij zei: ‘Volgens mij is doemdenken niet door Van Kooten en De Bie maar door Marten Toonder bedacht.’ Bij mijn weten is dat niet zo, antwoordde ik. Een correcter antwoord was geweest: dat boekje dateert van 1999, inmiddels kun je op internet ruim honderddertig miljoen bladzijden uit Nederlandstalige kranten, boeken en tijdschriften doorzoeken, dus ik zou het opnieuw moeten onderzoeken.

Welnu, dat doe ik bij dezen. Oók omdat ik zie dat steeds meer mensen tamelijk sombere gedachten hebben over de toekomst van Nederland, de mensheid en de aarde – doemgedachten die ook mij niet vreemd zijn.

Derde Wereldoorlog
In Jemig de pemig staat dat Kees van Kooten en Wim de Bie dit woord op 2 maart 1980 lanceerden in een uitzending van het Simplistisch Verbond. Koot en Bie, zoals zij zich toen noemden, zaten tussen verhuisdozen met op de achtergrond een grote wereldkaart. Zij kondigden aan dat zij naar Nieuw-Zeeland zouden emigreren. Zij hadden hun maag vol van alle berichten over een dreigende Derde Wereldoorlog.

Wim de Bie: ‘Wij vertrekken omdat we er niet meer tegen kunnen. Tegen dat wurgende, verstikkende doemdenken.’ Kees van Kooten: ‘Als je dat doemdenken niet tot basis maakt van je hele doen en laten, en van héél je wereldbeschouwing, dan kun je de zaak beter schudden, Bie.’

Zij hadden een middag bij elkaar gezeten om het goede woord te vangen, vertelde Wim de Bie later in een interview. In zijn aantekenboek van maart 1980, dat ik indertijd mocht inzien, stonden in de kantlijn de woorden doemsdenken en Doomsday. Dat laatste woord, dat ‘dag des oordeels’ betekent, was hun inspiratiebron voor doemdenken.

Een vergissing
De Dikke Van Dale houdt het kort. Bij doemdenken staat: ‘1980, gevormd door Van Kooten en De Bie onder invloed van Engels doomsday’. Wikipedia wijst erop dat doemdenken al voorkomt in de bundel Tegels Lichten van Henk Hofland uit 1972. Daarin schrijft Hofland: ‘In het begin van de jaren zeventig is het begrip “doemdenken” ontstaan.’ Dit staat echter niet in de originele versie van Tegels Lichten, maar in de herziene vijfde druk uit 1986.

Hofland vergiste zich, het woord doemdenken maakte zeker geen opgang vanaf het begin van de jaren zeventig. Het duikt in 1979 voor het eerst op, dus nog voor de uitzending van Van Kooten en De Bie. Wikipedia vermeldt dit in een voetnoot. Op 7 juli 1979 komt doemdenken tot driemaal toe voor in een lange ingezonden brief van een zekere Philip Engelen in NRC Handelsblad. Hij gebruikt het onder meer in de zin: ‘Niet toegeven aan dat doemdenken maar creatief bezig zijn […]’ Twee weken later dook het nogmaals op in een ingezonden brief in NRC Handelsblad. Ditmaal tussen aanhalingstekens, om aan te geven dat het een nieuw woord was.

Meerdere vaders
Het lijkt er dus op dat doemdenken meerdere vaders heeft gehad. Marten Toonder, vooral bekend als schrijver en tekenaar van avonturen van Olivier B. Bommel en Tom Poes, hoort daar niet bij. Althans, ik heb daar geen enkele aanwijzing voor gevonden. Wat blijft staan is dat het woord algemeen bekend is geworden door die uitzending van Kees van Kooten en Wim de Bie. Het werd heel snel door de media opgepikt, net als veel andere taalvondsten van dit fameuze duo.

Dit ontging hen niet. Toen Hylke Tromp eind april 1980 in de Volkskrant de discussie over de naderende Derde Wereldoorlog voortzette onder de kop ‘Doemdenken de uitdaging voor de tachtiger jaren’, liet De Bie dit knipsel in een uitzending zien. Binnen korte tijd verschenen er nog verschillende andere bijdragen waarin doemdenken werd gebruikt. Aanvankelijk tussen aanhalingstekens of met als toelichting bijvoorbeeld ‘dat wil zeggen: het koesteren van een uitgesproken sombere toekomstverwachting’. Maar uitleg en aanhalingstekens waren al snel niet meer nodig, want doemdenken veroverde Nederland en Vlaanderen stormenderhand.

Juist is dus om te zeggen dat doemdenken door Van Kooten en De Bie is verspreid, dat het door hen algemeen bekend is geworden. En ja, ik geloof zeker dat zij het in aanloop naar die uitzending zelf hebben bedacht, maar anderen waren hen daarin voorgegaan. Kennelijk maakte het doemdenken als verschijnsel toen opgang. Net als nu.