Woordenboek van Populair Taalgebruik

Geschreven door Marc De Coster. Uitgegeven op Ensie in 2020.

Gepubliceerd op 21-07-2021

vedelen

betekenis & definitie

(16e eeuw) (Barg.) copuleren; neuken. Letterlijk: op de vedel (een soort strijkinstrument dat aan de basis lag van de viool) spelen. Het WNT citeert o.a. “Den Handel der Amoureusheyt (1621) en een 17de eeuwse klucht (J. Burghoorn: Lluchth. Snorrepijpen. 1644). Merk op dat 'vedel' en 'viool' metaforen zijn voor het vrouwelijk geslachtsorgaan. De 'strijkstok' is dan weer beeldspraak voor het mannelijk lid.

• (Volkskunde. Volume 20. 1961)
• (Hans Heestermans: Erotisch Woordenboek. 1980)
• (H. Mullebrouck: Vlaamse volkstaal. 1984)
• (Robert Henk Zuidinga: Eroticon: het ABC van de erotiek. 1990)
• 84 miljard keer per jaar bedrijft het mensdom het ‘oeroude steekspel’, wordt er ‘getokkeld’, ‘gevedeld’, ‘gemicheld’, ‘van de kruk gegaan’, en hoe het erotisch bedrijf ook verder genoemd mag worden. (Robert Long: Liegen mag. 1993)
• Vrouwen moeten zwanger worden -daarom alleen- knikkert, koffert, rammelt, vedelt, vogelt, deze jongen zichzelf alreeds vijftien maanden kapot. (Vrij Nederland, 14/06/2003)
• (Ton den Boon: De taal der liefde. 2017)