Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

Gepubliceerd op 03-12-2022

V-man

betekenis & definitie

(1940-1945) (< Dui. Vertrauensmann) betaalde (Duitse of Nederlandse) verklikker. Deed zich voor als illegaal werker maar stond in dienst van de Gestapo. De bekendste was Anton van der Waals.

• Het Bijzonder Gerechtshof in Den Haag heeft den V-man van den S.D. C. Verkoren uit Voorschoten overeenkomstig den eisch ter dood veroordeeld. (Het Parool, 27/03/1947)
• Boekling trad op als „V--man" of „Verslicheraar" en gaf aanwijzingen aan de fascistische politie-instanties. (De waarheid, 30/07/1948)
• De advocaat-fiscaal bij het Haags Bijzonder Hof heeft vanmiddag veertien jaar gevangenisstraf geëist tegen A. H. Damp uit Den Haag, die tijdens de oorlog als V-man betrokken is geweest bij de arrestatie van een Joodse familie. (De Volkskrant; 01/04/1949)
• Een V-man begaf zich met een dergelijke tas circa half juni naar de vrouw van Frans met een brief van haar man. Hij gaf te kennen ook iets te willen doen voor de goede zaak en vroeg of zij hem niet in contact kon brengen met de chef. (De Nieuwe Stem. Jaargang 22. 1967)
• (G.L. van Lennep: Verklarend oorlogswoordenboek. 1988)

< >