Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2024)

Gepubliceerd op 30-04-2021

slagroom

betekenis & definitie

(2007) (sch.) sperma. Vanwege de kleur en de substantie. Syn. engelenhaar*, fut*, geil*, jongensmelk*, mannenmelk*, munitie*. Zie ook: slagroom kloppen.

• (Heidi Aalbrecht & Pyter Wagenaar: Woordenboek van platte taal. 2007)
• Internetbenamingen voor sperma zijn onder andere bearnaisesausje, but, fluitenkruid, Freudsap, fut, geil, Golf van Bengeile, kwakje, kwakkie, mannensap, neukroom, slagroom, smoezies, spuitsel, spuitvocht, witteke, yoghurt en liefdesmayonaise. (Mels van Driel: Geheime delen. 2008)
• (Seksuele volkstaal en eufemismen op Wikipedia. 2009)
• (Piet van Sterkenburg: Rot zelf lekker op. Over politiek incorrect en ander ongepast taalgebruik. 2019)