(19e eeuw) (sch.) naakt gewogen. Oorspr. een slagersuitdrukking i.v.m. geslachte en uitgehakte dieren (runderen, varkens enz.).
• Och, vader! wat was die man veranderd. U herinnert u toch nog wel, dat 't zoo'n dikzak was. Oom zei altijd: ‘Hij weegt tweehonderd pond schoon aan den haak’. (Justus van Maurik: Met z'n achten. Novellen en schetsen. 1883)
• Best mogelijk, maar honderdtachtig pond, schoon aan de haak, heb je nooit gewogen.... (Justus van Maurik: Stille menschen. z.j. 1909)
• “Hoe zwaor weeg jij, kiendop?"
„Vijf en negentig pond... schoon aan d'n haak!" (Bas Bouman: Hollen maar. 1947)
• ‘Je zult je schoon aan de haak moeten laten wegen,’ zei hij. (Toon Kortooms: Beekman en Beekman. 1949)
• Acht pond, schoon aan de haak. (Simon Carmiggelt: Mijn moeder had gelijk. 1969)
• Bob heet ie. Zeven pond, schoon aan de haak. (Kees van Kooten: De ergste treitertrends. 1976)
• 'Honderd piek geef ik voor je twintigje, schoon aan de haak,' zei de klant. (Sal Santen: De kortste weg. 1980)
• Direct ontdekte ik die knappe vrouw uit het autootje. Ze had namelijk alleen die gekke bril nog op. Schoon aan de haak was ze nog veel fijner dan eerst. (Joop Waasdorp: De verhalen. 1989)
• Ach dames, is er hier echt nog nooit een man in huis geweest? Sinds je vader dan. Kijk ze kijken. Maar jullie komen toch wel eens op het strand? Nou, daar lopen nog wel grotere en dikkere exemplaren dan Leen Talberg, zevenennegentig kilo schoon aan de haak. (Mensje van Keulen: De rode strik, 1994)
• Aad zette mij voor de gein op de weegschaal en riep: Jan Lefeber, heel mooi, zes-en-tachtig punt vijf, schoon aan de haak. (HP/De Tijd, 13/10/1995)
• Andreas beklom een stoel, pakte de weegschaal, blies het stof eraf en deed zijn pyjama uit. 'Schoon aan de haak...' Hij ging erop staan, '...vierenzeventig kilo. (Herman Pieter de Boer: Verhalen van lust en liefde. 2005)
• Ik was schoon aan de haak en klaar voor consumptie. (Louise Fokkens: Ouwehoeren. Verhalen uit de peeskamer. 2011)
• Ikzelf heb ook vrolijk meegedaan met die trend van de afgelopen jaren. Van rond de 85 kilo naar ruim 92 kilo schoon aan de haak. (Bastiaan Ragas: Maar je krijgt er wel heel veel voor terug. 2011)
• Van dichtbij zag een koe er enorm uit.
‘Zevenhonderd kilo, schoon aan de haak,’ zei Loek. (Rhijja Jansen: Boer zoekt m/v. 2012)
• Battjes gaf zichzelf een klap op de maag. ‘Een meter tachtig, en vierentachtig kilo schoon aan de haak.’ (A.F.Th. van der Heijden: Kwaadschiks. 2016)
• Ik snap wel dat je me niet herkent met die paardenstaart en mijn 115 kilo schoon aan de haak. (Jeroen Guliker: Zeven vrouwen later. 2017)