(1933) (< epon. Naar Zwitserse psychiater Hermann Rorschach, 1884-1922) (ook wel: Rorschach-methode of inktvlektest) psychodiagnostische test, in 1921 door Rorschach ontwikkeld. Hierbij moesten de onderzochte personen tien gestandaardiseerde, symmetrische inktvlekken interpreteren, waarmee getrainde psychologen persoonlijkheidskenmerken, emotioneel functioneren en onbewuste conflicten in kaart brengen. Ook kan men er denkpatronen mee begrijpen. Antwoorden worden niet beoordeeld als 'juist' of 'fout'. De Rorschachtest is iconisch geworden in films en strips (zoals Watchmen).
• Proeven met de kleurentest van Heckmann (een variatie van de Rorschachtest). (Tijdschrift voor zielkunde en opvoedingsleer, 01/01/1933)
• Bij het zoeken naar de oorzaken der moeilijkheden wordt naast de psycho-analytische methode (de methode om onbewuste inhouden van het zieleleven bewust te maken) gebruik gemaakt van de Rorschachtest. (De Bode; orgaan van den Bond van Nederlandsche Onderwijzers, 28/01/1938)
• De schrijver wijst in dit artikeltje op de moeilijkheden bij het differentiëren van schijnachterlijkheid en schijndomheid en de betekenis van deze ziektebeelden. Het gangbare testonderzoek wordt dikwijls te absoluut genomen en dient aangevuld te worden met de Rorschach-test; naast een uitvoerige medische en psychologische anamnese een grondig mêdisch-neurologisch onderzoek, moeten speciaal de neurotische factoren onze aandacht vragen. (Tijdschrift voor R.K. buitengewoon lager onderwijs. 1941/03)
• Doordat in Hollywood in 1946 ’n film draaide (The dark Mirror) waarin de Rorschach-test in ’t middelpunt staat, werd deze test nog populairder. (Ons eigen blad; tijdschrift voor onderwijsgevende kloosterlingen. 1949/05)
• Zij menen, dat „accident proneness” bij industriearbeiders samengaat met een geringere handvaardigheid, welke met een test kan worden aangetoond. In het buitenland wordt in dit verband ook de Rorschach-test gebruikt. (Nederlands militair geneeskundig tijdschrift, 01/01/1950)
• ‘Zie je nou - zie je nou?’ zegt de man tegen zijn vrouw. Hij staat tot de enkels in het water; op zijn buik heeft de zon een paarse rorschachtest geschroeid. (S. Carmiggelt: Haasje-over. 1957)
• Wanneer een in de Rorschachtest ‘blijkende’ aggressiviteit of een volgens een theorie verwachte moederbinding niet in het manifeste gedrag kan worden teruggevonden, dan wordt bijvoorbeeld zonder meer gesteld, dat de aggressiviteit ‘onbewust’ is, de binding ‘in een diepere laag’ tòch wel aanwezig is. (A.D. de Groot: Methodologie. 1961)
• De lezer is rechtstreeks bij dit raadselspel betrokken, hij krijgt als het ware een vernuftig uitgedachte Rorschachtest voorgelegd. (Hella S. Haasse: Leestekens. 1965)
• Wat is het begrijpen van een boek eigenlijk? Het zou te betreuren zijn als een boek uitsluitend gelezen werd als lyries proza dat slechts kan worden ‘aangevoeld’. (Waar de inkt rijkelijk vloeit, alle kanten op, en het hier en daar gevlekte en bekraste papier hoogstens nog de funktie heeft van een Rorschachtest.) (Lidy van Marissing: De omgekeerde wereld. 1975)
• Hun verzen lijken op Rorschachtests, waar men merk waardige dingen aan kan beleven evenals aan meeuwenuitwerpselen tegen het vensterglas. (Jacques Hamelink: In een lege kamer een garendraadje. 1980)
• Ik zou, geen grapje, graag eens een Rorschachtest willen meemaken van een aantal critici. Ik heb zo'n idee, dat de man die bij ieder plaatje een verrassende karakteristiek heeft en binnen vijf minuten buiten staat, als criticus een Lehmann blijkt te zijn, terwijl de mijmerende kleurenziener die soms de man met het bloknoot een flinke tijd aan het schrijven houdt, als volbloed impressionist de krant inkomt. (J.J. Oversteegen: De Novembristen van Merlyn. 1983)
• De scepsis jegens de experimentele dichtkunst biedt niet alleen een fraai staaltje zelfspot dat nog voorspellende waarde zou krijgen, impliciet zoekt het gedicht aansluiting bij Vasalis. Die had in 1952 de verzen van de Atonalen vergeleken met een ‘Rorschachtest waar men merkwaardige dingen aan kan beleven, evenals aan meeuwen-uitwerpselen tegen het vensterglas. (Joke Linders: 'Een veelvoudig debuut, 1950-1955'. 1999)