Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

Gepubliceerd op 29-04-2026

potje met vet

betekenis & definitie

(1946) eerste regel van een traditioneel Nederlands liedje, populair bij o.a. jeugdbewegingen tijdens lange wandelingen. Voluit: “Ik heb een potje met vet / Al op de tafel gezet / Ik heb een potje potje potje potje ve-e-et / Al op de tafel gezet.” Wellicht werd het lied oorspronkelijk gezongen door marcherende soldaten op weg naar het oefenterrein (zie bijv. het citaat uit 1960). In de soldatenwoordenboeken van Henk Salleveldt (Leen Verhoeff) is het echter niet terug te vinden. Het zou dan een soldatenmars geweest zijn (om de moraal er in te houden). Over de betekenis van ‘potje met vet’ circuleren meerdere interpretaties. Volgens Ewoud Sanders zou het potje gediend hebben om “het leer van onder andere schoenen en riem soepel te houden", maar het kon ook "een (glazen) potje met vet en lont" voor verlichting zijn of "braadvet of vet voor op het brood”. Volgens Kramers Nederlands woordenboek uit 1954 werd een potje met vet gebruikt voor feestverlichting. Andere taalkundigen associeerden het vet met bier. Bewijzen hiervoor zijn er niet. De Nederlandse band Hydra maakte (een aangepaste versie van) het liedje in 1974 opnieuw populair. En in 1994 was het geliefd bij lesbiennes. Pot of potje is lange tijd een scheldnaam en daarna een geuzennaam voor hen geweest. Mogelijk heeft het er niets mee te maken maar uit de verzameling van Dr. G.J. Boekenoogen volgend kinderrijmpje. “Potje met vet .. . Leiden ontzet! Haring en brood, Leiden is uit nood. (Amsterdam 1894)

• Als op een stoel de jas en het vest van Jan ontdekt worden en in een donkere hoek zijn laarzen, stijgt de vrolijkheid tot hilariteit en allerlei veronderstellingen over andere achtergelaten kledingstukken worden geopperd. De uitbundigheid vindt haar hoogte- en eindpunt in het samenzingen van zeer veel coupletten van het verheven lied: Het potje met vet, op tafel gezet. (J.A. van Nie: Bericht voor Groote Jan. 1946)
• Het beroemde „Potje met vet” wordt, doordat Leen Rouwen de refreintjes door een machtig tussenspel aan elkaar plakt, tot In den treure herhaalt. (De Feijenoorder; officieel orgaan van de Rotterdamsche Voetbalvereniging Feijenoord. 1948/06)
• Sommigen zingen, al is het „geef me nog een druppie" — een weinig toepasselijk lied overigens — of het tot in den treure terugkerende „potje met vet" ,maar óók zijn er die er het zwijgen toe doen en met een zekere grimmigheid het eindpunt tegemoet lopen. (De Gooi- en Eemlander: nieuws- en advertentieblad, 15/06/1950)
• Tegen elven liggen we allemaal te kooi en willen juist gaan slapen, als Willem de geest krijgt en zijn lijflied aanheft: We hebben een potje met vet, We hebben een poooootje met vet, We heben een potje potje potje vèhèhèt Al op de tafel gezet! Tet tet tet! Tweede couplet-. We hebben een potje met vet.... enz. Eerst zingen we allemaal mee, maar na het twaalfde couplet informeert Nel hoeveel coupletten er wel zijn. „Niet over de driehonderd," stelt Willem haar gerust en begint samen met Tjaart aan het dertiende. (De waterkampioen; orgaan van de Afdeeling Watertoerisme van den A.N.W.B, 01/01/1951)
• Natuurlijk zijn er gunstige uitzonderingen, maar de overgrote meerderheid kent geen andere liederen dan het „potje met vet”, “4e keizer van Japan”, „zie ginds komt de stoomboot” en meer van dergelijke fraaiigheden. (Gazet van Limburg, 23/07/1953)
• „Ik heb een potje met vet..Een mooi lied is het niet, en toch: u moest uw kind zien zitten, daar in Baarn, inde eetzaal van het kamp. Stapels boterhammen zijn zo juist ineen ommezien van de tafels verdwenen inde Rotterdamse jongensmagen. En dat potje vet... nou, veel variatie en geest mag er dan in dat vers niet steken, het zingen bevordert in ieder geval de spijsvertering. (Het Rotterdamsch parool, 12/08/1954)
• Ik heb tegenover een feestzaal gewoond waar op een avond guitige jonge lieden van elf tot twaalf uur niets anders wisten te doen dan in koor te brullen „Ik heb een potje met vet op de tafel gezet”. (St. Eloy; weekblad van den Ned. R.K. Metaalbewerkersbond, jrg 51, 05/07/1958)
• Het is opvallend, dat de Nederlandse militairen — die toch al niet opvielen door hun liefde voor het Nederlandse lied — naar mate de vierdaagse vordert steeds stiller worden. Slechts een enkel detachement heeft zijn reportoire, dat meestal varieert van het klassieke „Blonde Mientje” tot het op den duur toch echt wel wat eentonige „Potje met vet”, uitgebreid met Israëlische liederen. (Nieuwsblad van het zuiden, 28/07/1960)
• Bij het denken aan de zeer bekende dreun 2 er is slechts één versregel, die steeds herhaald wordt - ‘Ik heb een potje met vet op de tafel gezet’ (niet vermeld in het w.n.t.), was mijn eerste vermoeden dat de inhoud wel eens bier zou kunnen zijn. In het archief van Amstel Brouwerij n.v., bleek het woord vet in die betekenis echter onbekend te zijn; bovendien vond men het ongewoon, dat iemand die de Figaro kan lezen een glas bier zou bestellen: bier was op het eind van de vorige eeuw een drank die slechts door het zgn. werkvolk werd gedronken. (De Nieuwe Taalgids. Jaargang 63. 1970)
• Schoolreisjes! 's Avonds moe maar voldaan terugkeren, en tot in den treure (tachtigste couplet) de historische classic “Een potje met vet” meebrullen, schrijft Jan Lenferink in de VPROgids, en dus staan het schoolreisje en dat lied centraal. Dé Houseband heeft op het thema Een Potje met Vet een aantal mooie improvisaties gemaakt, die Lenferinks hoorspel regelmatig kort onderbreken. (De Volkskrant, 03/02/1978)
• Menig padvinder heeft de betekenisloze dreun ten gerieve van de hopman of akela tijdens lange marsen tot vervelens toe gezongen: „Ik heb een potje met vet. Ik heb een potje, potje, potje, potje vehehet, al op de tafel gezet. Dit wordt het vijfde couplet... (Enzovoort.)". (NRC Handelsblad, 27/09/1988)
• De beuk erin. Ik begin een marsliedje te zingen. Eerste couplet, ik heb een potje met vet, ik... (Het Belang van Limburg, 06/08/1994)
• En daarom zingen we trots het Vlaamse volkslied: ‘Ik heb een potje met vet al op de tafel gezet. Ik heb een potje-potje-potje…’ (Dag Allemaal, 02/02/2021)
• Mevrouw Hoedelmans (62) is een van de patiënten. Ze draagt een rieten hoed en een gebloemde jurk met een fleecevest eroverheen. 'Ik heb een potje met vet', zingt ze, en ze stampt met haar voeten op het ritme. 'Al op de tafel gezet. Ik heb een potje, potje, potje, potje vet.' (De Volkskrant, 14/03/2022)
• 'Ik heb een potje met vet...' U hoeft er niet van op te kijken als u de komende tijd deze klassieker uit kindermonden hoort schallen. De avondvierdaagse komt er namelijk weer aan. (De Volkskrant, 24/05/2023)

< >