Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

Gepubliceerd op 29-04-2022

nono

betekenis & definitie

(1985) (jeugd) idioot; sufferd; saai persoon die niets te melden heeft.

• Gister zo'n aardige ontmoeting beleefd. In een drankperceel kwam een of andere nono met joviaal uitgestoken hand op me af. (Oor, 16/11/1985)
• (Jan Kuitenbrouwer: Turbotaal. Van sociobabble tot Yuppiespeak. 1987)
• De term 'nono' heeft verschillende betekenissen. Onder sommige jongeren, ook in bepaalde volwassen kringen trouwens, betekent het iets als 'bojo', een verkeerd persoon dus, in andere milieus staat het voor neger, naar de mop van de Belg op safari die 's avonds trots vertelt dat hij die dag twaalf nono's heeft geschoten. Hij noemt ze 'nono's' omdat ze dat roepen als je je geweer op ze richt. (Jan Kuitenbrouwer: Turbotaal. Van socio-babble tot yuppiespeak. 1987)
• Nono, idioot: die nono loopt nu al weken achter me aan! (Cor Hoppenbrouwers: Jongerentaal. 1991)
• Die boys zagen jarenlang nono's aan zich voorbij trekken die niks te melden hadden over hun plaatjes... (Nieuwe Revu, 29/06/1992)
• Edgar vindt me absoluut een nono... (Albert Mol: Breek me de bek niet open. 1993)
• Als Dröge dienst weigert, krijgen die nono's nog hun eigen show en dat is ook weer niet de bedoeling. (Oor, 09/04/1994)
• Het was niet zo dat ik een stelletje nono's om me heen had, integendeel, het waren allemaal intelligente leuke sportieve gasten. (Nieuwe Revu, 24/08/1994)
• Wat nou cliché? Zeg dat maar tegen de vrouw die jou heeft bedrogen met een nono bij wie ze zich in standen heeft gemanoeuvreerd die jij zelfs na het mensonterendst smeken nog niet van haar gedaan hebt gekregen. (Joost Zwagerman: Chaos en rumoer. 1997)
• Woordvoerders van Nueva Manteca en het Dutch Jazz Orchestra menen dat Lok Hin en Van Bodegraven twee 'volslagen nono's' zijn op het gebied van de jazzmuziek. (HP/ De Tijd, 11/07/1997)
• Mag ik nog even aan je kop zeuren over het songfestival? Een knik in je leven, zo'n week tussen 24 delegaties met nono's en randfiguren, zwaaiend met de creditcard van de baas.... (Nieuwe Revu, 24/05/2000)
• Er zijn altijd nono's die nu naar de 'gate' rennen, en dit uur wachtend voor de 'gate' doorbrengen. (Nieuwe Revu, 01/08/2001)
• Er is een Antillianenprobleem in de buurt en omdat die jongens winkels beroven, wordt zij nu als een nono beschouwd. (HP/ De Tijd, 25/10/2002)
• Ga toch spelen, Satink, gedupliceerde nono! (A.F. Th.: De Movo Tapes. 2003)
• We krijgen te zien hoe de nono's elkaar ontmoeten op highschool, in een klas voor 'special needs' belanden en de corrupte rector ontmaskeren. (studentenblad SUM, september 2003, over de film 'Dumb and Dumberer')
• Wat een nono zeg, had hij maar gado gado moeten nemen. (Ad Fransen: Coke. 2005)
Stelletje ontzettende nono’s. (Hans Dagelet: De man met de vier o's. 2011)
• Een absolute voetbalnono. (HP/ De Tijd, 05/08/2011)
• Een van die andere nono’s van SBS? (Michiel Eijsbouts: Ijsvrij. 2015)
• In het kwisje "De Slimste Mens" (KRO/NCRV) mogen drie onbeduidende nono's vragen beantwoorden olv een uitgerangeerde nieuwslezer, en als sidekick zit daar dan de ongewassen baardaap Van Rossem (PvdA), die gevat uit de hoek mag komen. (www.GeenStijl, 29/07/2016)
• Er is namelijk niets wat ik schattiger vind dan de Knuffelnono en dat uit zich dus in al die naampjes, terwijl bananaface en idiot gewóón woorden zijn, gewoon wóórden en helemaal geen koosnaampjes exclusief voor mij. (Laura van der Haar: Loslopen. 2019)
• …. bij Veronica begint John de Mol Big Brother, waarin een clubje opgesloten nono’s de gemoederen danig bezighouden met niks …. (Jan Rot: O ja! 2019)
• Ik ben altijd de warhoofd, de naïeveling, de nono. (Ilja Gort: Vrije vogels. 2022)

< >