Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

Gepubliceerd op 02-12-2025

masten

betekenis & definitie

(1991) (stud.) masturberen. Een woord dat studenten ook gebruiken is afromen*.

• Voor haar was hij altijd stijf, in een oogwenk, met een beweging van haar pink wist ze hem te masten en te raggen. (Geerten Meijsing: Altijd de vrouw. 1991)
• Masten: masturberen. (Marnix en Marjan van Lichtenvoorde: Nieuwe woorden van de jaren negentig. 1993)
• (Albert Gillissen & Paul Olden: Het eerste Nederlandse Studentenwoordenboek. 1994)
• Noemde ik masturberen vroeger nog gewoon aftrekken en vingeren, tegenwoordig blijkt daarvoor het woordenrepertoire veel uitgebreider. Een bloemlezing uit datzelfde onderzoek (www.hoehetmoet.nl): seks uit het vuistje, beren, scratchen, handkarren, vingalinga, het herenenkelspel spelen, kloppen, schuren, masten, voorhuidmassage, vuistracen, rukken en sjorren. Ik ben klaar. Toch nog binnen 60 seconden. (Noordhollands Dagblad, 07/05/2008)
• (Seksuele volkstaal en eufemismen op Wikipedia. 2009)
• (Piet van Sterkenburg: Rot zelf lekker op. Over politiek incorrect en ander ongepast taalgebruik. 2019)
• Deze week hoorde ik het woord mast twee keer in een voor mij nieuwe betekenis. Eerst ving ik een gesprek op van jongeren die tegen elkaar zeiden dat ze thuis lekker gingen masten. De jongeren in kwestie droegen kleding van een zeilclub en ik dacht eerst dat ze thuis nog iets met de mast van hun schip moesten doen. Maar toen het gesprek verder ging over 'eerst masten onder de douche' en 'soms mast ik wel drie keer op een dag, begon ik te vermoeden dat het over een heel ander soort masten ging. (De Volkskrant, 07/11/2025)

< >