Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2024)

Gepubliceerd op 22-08-2020

instap

betekenis & definitie

(1982) (politie) inval (in een woning).

• De invloed van deze zachte sector van het overigens gestaalde korps is zeker wat het jargon betreft groot geweest. Vele ideeën worden 'opgepakt om te voorkomen dat er ad-hokkerig wordt gereageerd naar de eigen mensen toe'. Maar verder is het 'deut in het wijk, doet de prostituee een dopje, de politie een instap als er een haar in de boter zit, maar meestal is het kat in het bakkie en gaat de 310 achter het geitehekkie.' Vertaling: Er is ruzie in de buurt, de prostituee werkt een klant af, de politie valt een woning binnen als ze een crimineel zaakje ontdekt, maar meestal gaat het om eenvoudige dingen en gaat de winkeldief achter de tralies; om maar een compilatie te geven van termen die moeiteloos onder de politiepet uitrollen. (NRC Handelsblad, 27/03/1982)
• De hoofdofficier van justitie stelde hem toen op de hoogte, omdat er onrust in de buurt en aandacht van de media te verwachten viel. Toen het binnenvallen (in politiejargon de 'instap') mislukte, kwamen de hoofdofficier van justitie, de hoofdcommissaris van politie en de burgemeester op het hoofdbureau van politie bijeen. (Haagsche Courant, 23/12/2004)
• De verdachte is meestal de avond tevoren door een observatieteam naar huis gebracht, zodat we zeker weten dat hij de volgende ochtend thuis is als we hem willen aanhouden. De instap in woningen van vuurwapengevaarlijke verdachten wordt bij voorkeur overgelaten aan het arrestatieteam. (Michiel Princen: De gekooide recherche. 2015)
• We kunnen morgenochtend in alle vroegte een instap regelen. (Meri Melink: De grens: de jacht op een jonge Nederlandse terrorist. 2015)