Woordenboek van Populair Taalgebruik

Marc De Coster (2020-2025)

Gepubliceerd op 19-11-2023

ammehoela, me hoela

betekenis & definitie

(1928) (Barg.) ik denk er niet aan; geen sprake van, nooit van m'n leven. Gezegd wanneer men iets niet wil doen of als uitroep van ongeloof. Aanvankelijk in zwang bij de schoolgaande jeugd, ondertussen echter verder verbreid. Koning `Amanoellah' van Afghanistan (1892-1960), destijds veel in het nieuws, stond aan de wieg van deze ondertussen wel ongemeen populair geworden uitdrukking. Het duidelijkste bewijs van deze stelling treffen we aan in Opoe Herfst, een woordenboekje uit 1973 over het Rotterdamse taalgebruik. Daarin vinden we de schrijfwijze ‘amme ulla’, hetgeen toch doet veronderstellen dat de meeste sprekers de uitdrukking als exotisch beschouwden. De overname van exotische namen en functies is in ons taalgebruik overigens niet ongewoon, denken we maar aan de snoeshaan, een verbastering van ‘Soesoehoenan’, de naam van de vorst van Soerakarta op Java. Naar verluidt zou Jasperina De Jong tijdens de voorstelling van `Sweet Charity', een musical van Cy Coleman, de uitdrukking bij het grote publiek bekend gemaakt heb-ben. De uitroep ammehoela ging daarbij gepaard met de traditionele klap op de bil, een subtiele verwijzing naar de gelijkaardige volkse uitdrukking 'aan me reet'. Stoett geeft in zijn boek van Nederlandse spreekwoorden een lijst van grappige uitroepen afkomstig uit de volkstaal. Ammehoela vinden we er niet in terug, wel de kreet ‘ja oele’ en talrijke synoniemen: ‘aan (tegen) uw broek, een drol op je lippen; in jouw kakhuis; op je achterlap; op je (bolle) ogen; op je gat op je kop (getimmerd); op je reet; tegen uwen neus (Antwerps)’. Ongetwijfeld bestaan er nog andere varianten. Reinsma (1984) vermeldt ammehoela met een vindplaats uit 1982, maar aangezien de uitdrukking al veel ouder is, kunnen we ons afvragen hoe het komt dat deze uitroep vooral in de jaren tachtig een hernieuwde belangstelling genoot en pas sinds dan door de meeste woordenboeken werd gehonoreerd. Misschien heeft het iets te maken met het feit dat Afghanistan in de jaren tachtig volop in het nieuws was. In 1979 ging de vroegere Sovjet-Unie het wankele communistische bewind van dit land steunen tegen de nationalistische verzetsstrijders. Pas in 1988 trokken de sovjet-troepen zich terug. In het Engelse slang kent men een gelijkaardige uitdrukking: up yours!, hetgeen zoveel wil zeggen als `steek het in je gat! Verder: not on your life; not on your tintype; no way Jose.

• Die regering, ja ammehiela, die kan er niets van.... (Wim Sonneveld: Het is er-ger dan bij de moffen. Tekst Marie Verdenius. 1947)
• Ik getekend en ja hoor daar ging ie. Op een troepentransportschip. Amma-noelah, late we nou de Bosporus opkuise. (Haarlem's Dagblad, 30/10/1947)
• Hij woont, weet ik waar helemaal, buiten de stad. Ingenieur. Aan m'n hoela. Zielepoot. (Mensje van Keulen: Van lieverlede, 1975)
• Amme hoela (ulla, nooit niet). (Inez van Eijk: Ik zeg maar zo, ik zeg maar niks. 1978) p. 103
• ‘An me hoela,’ zei ze somber. (Willem Brakman: Come-back. 1980)
• In Rusland is het heerlijk! In het Arbeidersparadijs! Me hoela! (W.F. Hermans: Uit talloos veel miljoenen, 1981)
• Ze is daar tempeldienares, ja me hoela, ze speelt gewoon de hoer ... (Dimitri Frenkel Frank: Memoires van een lafaard, 1986)
• De overheid staat op de bres voor de zwakken? Ammehoela. (Het Parool, 28/02/1987)
• `Ik denk dat we vanavond eens hier eten', opperde oom. `An me hoela', reageerde Lien met een ontevreden uitdr. (Frans Pointl: De kip die over de soep vloog, 1989)
• Weggelopen, me hoela. (Peter Langendam: Biefstuk, sla. 2000)
• Meer tijd voor je gezin ammehoela! (Mark Verver: Alle vrouwen van de wereld. 2004)
• Iedereen kent het pretpark dat Nederland heet. Tulpen, kaas, klompen, aan m’n hoela. (Gerrit Komrij: Gouden woorden. 2005)
• ‘Misschien moeten we in relatietherapie,’ had Harko geopperd. Ook alweer. ‘Me hoela,’ riep Evelien meteen. (Martin Bril: Evelien voor altijd. 2008)
• Angélica was even stil. ‘Ja, zo lust ik er nog wel een paar,’ zei ze toen. ‘Amme-hoela.’ (Wanda Bommer: Engel. 2009)
• “Een bosje tulpen, dat is het enige wat eraf kan!” zegt die blik. “Overwerken! Me hoela!” (Herman Koch: De ideale schoonzoon. 2010)
• En nu zat ze met die klojo opgescheept omdat hij haar verhaaltje zogenaamd het beste vond. Ja, ammehoela, hij had haar alleen maar die prijs in de maag gesplitst omdat zij op dat avondje met de anderen de minste interesse had ge-toond voor zijn kutboek. (Peter Drehmanns: De schrijver en zijn meisjes. 2011)
• Al die Vlamingen op de shortlist van de Libris Literatuurprijs, ze deden pijn aan mijn ogen. De Belgen zijn nu eenmaal beter… Ammehoela. (Jeroen Brouwers: Restletsels. 2012)
• Ook laptops en tablets zijn niet echt welkom. Voor de bestwil van de gasten. Onthecht! Onthecht! ‘Ammehoela,’ heeft Gieg gemompeld. (Nelleke Noorder-vliet: Gigengacks reizen. 2014)
• “Jou was een sitcom beloofd!” sist Aaf Ankersmit. “Sitcom ammehoela.” (Basje Boer: Bermuda. 2016)
• Mooi en subtiel, zei Gerrit, maar ik dacht: aan m’n hoela, veel te serieus. (Mensje van Keulen: Neerslag van een huwelijk. Dagboek 1977-1979. 2018)
• Ja, ammehoela verhaaltje! Ga weg! Ik wil niks meer met jullie te maken hebben, ga weg, ga weg, ga weg! (Kees van Kooten: De tachtigjarige vrede. 2021)

< >

Gebruik je Ensie vaker?

Word nu vriend voor slechts €8,95.

Word vriend