Een woordenboek van de filosofie

Begrippen, stromingen, denkers

Gepubliceerd op 20-04-2017

2017-04-20

Soortterm

betekenis & definitie

Een universale dat een richtsnoer levert om particularia (zie universalia en particularia) te onderscheiden, te tellen en steeds opnieuw te identificeren, een richtsnoer dus om te zeggen van welke soort ze zijn. Als een soortterm op één ogenblik op een object van toepassing is, dan is het op dat object van toepassing zolang het bestaat. Kat is een soortterm, kleermaker is (wel een telbaar naamwoord maar) geen soortterm, want iemand kan in de loop van zijn leven van beroep veranderen. Ook ding is geen soortterm, aangezien niet altijd duidelijk is wat als één ding telt. Vgl. telbaar naamwoord.

P.F. Strawson, Individuals, 1959. (Zie ‘universals’ in de index. Vgl. ook M. Dummett, Frege: Philosophy of Language, 1973, p. 76. Voor een mogelijk ruimere betekenis vgl. J. Locke, An Essay concerning Human Understanding, 1690,3.3.15. Zie ook N. Griffin, Relative Identity, 1977, hoofdstuk 3.)