Een woordenboek van de filosofie

Begrippen, stromingen, denkers

Gepubliceerd op 20-04-2017

2017-04-20

Schelling, Friedrich wj

betekenis & definitie

von. 1775-1854. Duits filosoof, een van de vertegenwoordigers van het Duitse idealisme. Behoorde tot de romantische school in Jena, was later hoogleraar in München en Berlijn. Schelling was een in wezen systematische denker, die zijn gedachten echter steeds herformuleerde en veranderde.

De aanvankelijke invloed van Fichte op zijn natuurfilosofie verdween snel. Na zijn ‘transcendentaal idealisme’, waarin wereld en ik, werkelijkheid en ideaal hun eenheid in de kunst kunnen vinden, raakte hij meer onder invloed van Spinoza. In Schellings identiteitsfilosofie vinden ‘natuur’ en ‘geest’ hun grond in het ‘Absolute’, dat allengs aan God gelijk wordt gesteld. Zijn latere filosofie, waarin het vrijheidsbegrip belangrijk is, neigde uiteindelijk naar een theosofisch en mythologisch denken. Vom Ich als Prin- zip der Philosophic, 1795. System des transzendentalen Idealismus, 1800. Darstellung meines Systems, 1801. Die Weltalter, 1811. Zie ook idealisme,
kant.