Een woordenboek van de filosofie

Begrippen, stromingen, denkers

Gepubliceerd op 20-04-2017

2017-04-20

Rechtsfilosofie

betekenis & definitie

De studie van problemen rond prescriptieve wetten. (De vaak ‘descriptief genoemde natuurwetten worden bestudeerd in de wetenschapsfilosofie. Voor ‘natuurrecht’ zie wetten .)

Er zijn zeer uiteenlopende opvattingen over wat een wet is. Is het een bevel van de soevereine vorst? Of een voorspelling van hoe rechters zullen beslissen? Of een voorspelling dat bepaalde handeüngen gevolgd zullen worden door sancties? Of een uitspraak dat het de bedoeling is sancties op te leggen? Of nog iets anders? Zijn er formele voorwaarden (te onderscheiden van voorwaarden die de inhoud betreffen) waaraan een wet moet voldoen, zoals op bepaalde manieren ingevoerd zijn door een met bijzonder gezag beklede instantie, of niet inconsistent zijn met zichzelf of met andere wetten in het systeem? Zijn er restricties op de inhoud, is een vermeende wet geen wet als zij iets onmogelijks voorschrijft, of als zij de goddelijke, de natuurlijke of de morele wet schendt? Zijn deze laatste wetten, als ze al bestaan, wetten in dezelfde zin van het woord? En is een wet nog wel een wet als er geen voorgeschreven sanctie is, of als er geen macht is om naleving af te dwingen?

Sommige van deze vragen hebben te maken met rechtvaardiging. Een wet of een rechtsstelsel rechtvaardigen kan betekenen: aantonen dat het er werkelijk een is, maar ook: laten zien dat de wet of het stelsel goed, eerlijk, gepast, onpartijdig enzovoort is. Men kan erover twisten hoe nauw deze taken met elkaar samenhangen. Andere zaken die rechtvaardiging behoeven zijn oordelen binnen een rechtssysteem, bijvoorbeeld die van advocaten of rechters, en de plicht tot gehoorzaamheid. Nauw hiermee verbonden zijn vragen over de rechtvaardiging van straf, of dat nu straf in het algemeen is, of speciale straffen voor speciale typen gevallen of voor individuele gevallen. Dient straf in het algemeen vooral vergelding te zijn, of bescherming van de samenleving door misdadigers op te sluiten, of afschrikking van potentiële misdadigers? In dit verband zijn ook de begrippen opzet en schuld relevant.

Andere problemen doen zich voor in de verschillende takken van het recht (constitutioneel, burgerlijk, commercieel recht, strafrecht), waarbij ook de vraag kan worden gesteld in welke relatie deze takken tot elkaar en tot het begrip rechtvaardigheid staan. Met name bij constitutioneel recht rijst de vraag hoe het kan veranderen. In andere takken van het recht is de rol van de rechter in de rechtsvinding van belang. Kwesties van soevereiniteit en sancties leiden tot problemen rond de mogelijkheid en de aard van internationaal recht. Zie ook positivisme, laatste alinea.
M.P. Golding, Philosophy of Law, 1975. (Algemene inleiding.)
R.S. Summers (red.), Essays in Legal Philosophy, 1968, More Essays in Legal Philosophy, 1971. (Het eerste deel bestrijkt kwesties van analyse en rechtvaardiging, het tweede bevat besprekingen van historische figuren. Zie Summers’ inleidingen voor een overzicht van de problemen.)
H. L.A. Hart, The Concept of Law, 1961. (Uitgebreide bespreking van vele problemen.)
H.L.A. Hart, The Morality of the Criminal Law, 1965. (Harts standpunt in het befaamde debat met Lord Devlin; vgl. P. Devlin, The Enforcement of Morals, 1959, samen met ander relevant materiaal herdrukt in het boek met dezelfde titel, 1965.)
T. Honderich, Punishment: The Supposed Justifications, 1969.