Winkler Prins Encyclopedie

E. de Bruyne, G.B.J. Hiltermann en H.R. Hoetink (1947)

Gepubliceerd op 18-10-2023

WINDESHEIMER CONGREGATIE

betekenis & definitie

dankte evenals de vereniging der Broeders (of Fraters) van het Gemene Leven haar ontstaan aan de Moderne Devotie. Hielden de Broeders het midden tussen een lekenvereniging en het klooster, wel is waar onder een strenge dagorde en in gemeenschap levend, maar zonder zich door geloften voor eeuwig te verbinden, de Congregatie van Windesheim was een vereniging van echte kloosters, waarin de monniken, gebonden door eeuwige geloften, volgens de regel van de H.

Augustinus een waar kloosterleven nastreefden.Reeds Geert Groote had veel voor aansluiting bij een bestaande kloosterorde gevoeld, maar het was Florens Radewijns, die in 1387 het eerste klooster te Windesheim ten Z. van Zwolle aan de IJsel oprichtte. Niet alleen ontleende de Congregatie aan dit plaatsje haar naam, maar dit klooster werd ook het moederklooster van een groot aantal andere, zowel door oprichting van nieuwe kloosters als door aansluiting van reeds bestaande, zodat de Windesheimer Congregatie zich over de Nederlandse grenzen tot diep in Duitsland en langs de Rijn tot Zwitserland verbreidde. Met de Hervorming trad het verval in, alleen in België en de Katholieke streken van Duitsland kon de Congregatie haar bestaan tot 1802 rekken.

Lit.: J. C. van Slee, De kloostervereniging v. Windesheim (1874); J. Busch, Chronicon Windeshemense, ed. K. Grube (Halle 1887); J.

Acquoy, Het Klooster te Windesheim en zijn invloed (3 dln, Utrecht 1875-’80); E. de Schaepdrijver, De Congr. v. Windesheim gedurende de 16de eeuw. Bijdr. tot de gesch. 25, 26 (1924-25).