Winkler Prins Encyclopedie

E. de Bruyne, G.B.J. Hiltermann en H.R. Hoetink (1947)

Gepubliceerd op 04-07-2022

Kamerijk

betekenis & definitie

of Cambrai, stad in het Franse departement Nord, 72 km ten Z. van Rijsel (Lille) met (1946) 26 130 inw., ligt op 75 m hoogte aan de Schelde, die met drie armen door de stad stroomt, aan het kanaal van St Quentin en is kruispunt van spoorwegen. Het is een oude, fraai gebouwde stad tot 1890 omringd door dikke, met oude, ronde torens geflankeerde muren met een citadel.

De hoofdkerk, in 1793 gedeeltelijk verwoest, in 1859 verbrand, maar thans gerestaureerd, bezit het praalgraf van Fénelon. Voorts bezit de stad o.m. een belfroot, waarvan het oudste deel uit de 12de eeuw dateert, de kerk St Gery (18de eeuw), een oude stadspoort (Porte de Paris, 1390). Kamerijk is de zetel van een aartsbisschop, van een gerechtshof en van een handelsrechtbank, heeft een gemeentelijk college, twee bisschoppelijke seminaria, een aantal kloosters, een museum en een bibliotheek. Cambrai is het centrum van le Cambrésis, een streek met oude textiel-industrie. Behalve wol (van de Ardennenschapen) en vlas, dat in de streek groeit, voor laken- en linnenindustrie, heeft le Cambrésis katoenspinnerijen en -weverijen, waarbij later nog de tule-fabricatie is gekomen. De stad is een marktplaats voor beetwortels en suiker. In le Cambrésis en Artois neemt de beetwortelteelt een grote plaats in, nergens in Frankrijk is deze cultuur zo belangrijk, en nergens zijn zoveel suikerfabrieken en -raffinaderijen als in deze streek van Frankrijk.Reeds sedert 390 bestond er een bisdom, dat in 1559 tot een aartsbisdom verheven werd, gedurende de Revolutie verdween, maar in 1841 werd hersteld.

GESCHIEDENIS

Kamerijk is het aloude Cameracum, de hoofdplaats van de Nerviërs, en was in de dagen der Romeinen een der aanzienlijkste en fraaiste steden van Gallië. In de 5de eeuw was het onder koning Ragnachar (481 -509) de hoofdstad van een Frankisch koninkrijk dat echter door Clovis I werd veroverd. Later vormde het met zijn grondgebied het graafschap Cambrésis, dat door keizer Hendrik I na het uitsterven van het grafelijk stamhuis aan de bisschop van Kamerijk werd toegekend, die een Duits rijksvorst was, waardoor het gebied tot aan de 17de eeuw tot het Duitse rijk behoorde. Onder Lodewijk XIV had in 1677 na de vrede van Nijmegen de vereniging van Kamerijk met Frankrijk plaats. Te Kamerijk werd 10 Dec. 1508 tussen paus Julius II, keizer Maximiliaan II, Lodewijk XII van Frankrijk en Ferdinand de Katholieke de ligue van Cambrai tegen Venetië gesloten en 5 Aug. 1529 tussen Frankrijk en Spanje de zgn. Damesvrede door Margaretha, weduwe van de hertog van Savoye en landvoogdes der Nederlanden, en Louisa, weduwe van de hertog van Angoulême, de moeder van Frans I, waardoor laatstgenoemde, tegen afstand van andere gewesten, het gezag over Bourgondië behield.

In de nacht van 24 op 25 Juni 1815 werd Kamerijk door de Engelsen bestormd en de volgende dag de citadel veroverd. Het was de eerste Franse stad, die Lodewijk XVIII weder binnen haar muren ontving.

In Wereldoorlog I heeft op 20 Nov. 1917 hier de eerste tankslag plaats gevonden, waardoor de naam Kamerijk aan de geschiedenis van het tankwapen steeds verbonden zal blijven. In Wereldoorlog II werd 25 pet van de woningen, vrijwel alle gelegen in het oostelijk stadsgedeelte, zwaar beschadigd. De bibliotheek verloor een belangrijk deel van haar boeken, maar handschriften en wiegedrukken konden worden gered.