Winkler Prins Encyclopedie

E. de Bruyne, G.B.J. Hiltermann en H.R. Hoetink (1947)

Gepubliceerd op 04-07-2022

Kader

betekenis & definitie

(militair) is een verzamelnaam voor de met een rang of graad beklede militairen in de troep, die als het ware een omlijsting vormen van de onderdelen van de strijdmacht. Men spreekt van officiers- en onderofficierskader en ook van beroeps-, en verlofskader en verstaat onder het laatste de reserve- en dienstplichtige kaderleden.



Kaderleger

Een tussenvorm van het Staandeleger en een Militieleger is het Kaderleger. Hierbij is het leger althans grotendeels geëncadreerd met beroepskader. De kern van het leger is in vredestijd aanwezig en bij mobilisatie worden de opkomende grootverlofgangers hierin opgenomen om de legeronderdelen op. oorlogssterkte te brengen. Deze legerorganisatie heeft op het vasteland van Europa vrijwel overal toepassing gevonden. In Nederland was dit ook jarenlang het van kracht zijnde stelsel; eerst met de dienstplichtwetten van 1922 is dit stelsel losgelaten, en werd min of meer overgegaan naar het Militieleger (z legervorming).



Kaderoefeningen


zijn oefeningen uitsluitend met en voor het kader ten behoeve van de verdere vorming der kaderleden, doch welke ook gehouden kunnen worden ter voorbereiding van een volgende grotere troepenoefening of manoeuvre ten einde het rendement van deze oefening of manoeuvre voor het daaraan deelnemende personeel zo groot mogelijk te doen zijn.



Kaderplicht


is een in de dienstplichtwetten opgenomen verplichting om opgeleid te worden tot en dienst te doen als kaderlid in de officiers- of onderofficiersrang voor dienstplichtigen, die een bepaalde schoolopleiding hebben genoten en overigens aan zekere algemene eisen voldoen waarnaar de psychologische dienst in elk voorkomend geval een onderzoek instelt.