Winkler Prins 1870

Nederlandse encyclopedie

Gepubliceerd op 08-08-2018

Huisgezin

betekenis & definitie

Huisgezin noemt men de gezamenlijke in dezelfde woning gevestigde bloedverwanten met het dienstpersoneel. Aan het hoofd des huisgezins bevindt zich in den regel een echtpaar, terwijl voorts de grootte van het huisgezin afhankelijk is van het aantal inwonende kinderen en andere bloedverwanten, alsmede van dat der aan de dienst des huizes verknochte personen. Zie voorts onder Bloedverwantschap en Familie.