Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Gepubliceerd op 30-10-2017

zuil

betekenis & definitie

zuil - Zelfstandignaamwoord
1. vrijstaand dragend bouwkundig object met grote lengte en beperkte ronde doorsnede
2. groep mensen die binnen een samenleving verenigd zijn door hun religieuze of politieke overtuiging
De twintigste-eeuwse Nederlandse samenleving was opgedeeld in vier grote zuilen: de katholieke, de protestants-christelijke, de socialistische en de liberale.

Synoniemen
kolom, pilaar, pijler, baluster