waarvan betekenis & definitie

waarvan - Voornaamwoordelijk bijwoord
(scheidbaar)
1. vragend van wat?, van welk?
tab tab1">♢ Waarvan is die foto?
2. betrekkelijk van wat, van hetwelk
Ik weet niet waarvan deze opname gemaakt is.
Ik heb de camera waar dit een lens van is, niet bij me.

Woordherkomst
samenstelling van waar en van

Gepubliceerd op 31-10-2017