Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Gepubliceerd op 01-11-2017

2017-11-01

trojka

betekenis & definitie

trojka - Zelfstandignaamwoord
1. licht Russisch rijtuig met drie paarden bespannen, driespan
2. nummer van paardendressuur
3. (overdrachtelijk), (politiek) politieke leiding die bestaat uit drie (rechts-)personen
De zogenoemde trojka van deskundigen keert de komende dagen terug naar Griekenland om te praten over de stand van zaken bij de noodzakelijke hervormingen

Synoniemen
[3] driemanschap, triarchie