Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Gepubliceerd op 01-11-2017

2017-11-01

toornig

betekenis & definitie

toornig - Bijvoeglijk naamwoord
1. in woede ontstoken
tab tab1">♢ De anders zo rustige man liet zich van zijn toornige zijde zien.

Woordherkomst
Afgeleid van toorn met het achtervoegsel -ig.

Synoniemen
kwaad, verbolgen, woedend