Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Gepubliceerd op 01-11-2017

2017-11-01

tok

betekenis & definitie

tok - Tussenwerpsel
1. het geluid van een kakelende kip (meestal herhaald: toktoktok)
2. het geluid van een doffe tik

tok - Zelfstandignaamwoord
1. (visserij) (verouderd) ondermaatse kabeljauw (meestal in meervoudsvorm)

tok - Zelfstandignaamwoord
1. (materiaalkunde) (verouderd) met goud of zilver doorweven zijde of fluweel

Woordherkomst
(klanknabootsing)
[zelfstandig naamwoord (m)]: onbekend
[zelfstandig naamwoord (n)]: van het Italiaanse woord tocca

Synoniemen
tokke