Wiktionary

Nederlandstalige WikiWoordenboek

Gepubliceerd op 01-11-2017

2017-11-01

toerist

betekenis & definitie

toerist - Zelfstandignaamwoord
1. een mannelijk persoon die voor zijn plezier reist (een toer maakt)
In dat land werd hij als een toerist ontvangen.

Woordherkomst
afgeleid van toer, (stam van het werkwoord toeren) met het achtervoegsel -ist

Synoniemen
vakantieganger,reiziger

Verwante begrippen
recreant