mens betekenis & definitie

mens - Zelfstandignaamwoord
1. (m) de Homo sapiens, het zoogdier waar wij toe gerekend worden en dat zich door zijn rede en taal van de dieren onderscheidt
De mens heeft een sterk ontwikkeld brein, maar kan niet vliegen.
2. (n) (pejoratief) een homo sapiens, meestal van het vrouwelijk geslacht
Zij is een raar mens.
Hij is een raar mens.
Ach mens, doe toch eens normaal.

Woordherkomst
Het woord "mens" (Duits Mensch, Zweeds människa, Deens menneske) is een variant van "man" (Duits Mann, Engels man), die uiteindelijk teruggaat op een Indo-Europees|Indo-Europese stam *men-: "denken" of *me-: "meten". Deze stam treft men aan in Latijn mens, mentis: "geest, verstand" (vergelijk Engels mind), memoria: "geheugen, herinnering", Grieks menos: "geest", mnèmè: "geheugen", Sanskriet man-: "denken, geest". In het Oud-Indisch bestaat tevens Manu: "(oer-)mens", modern Hindi manusha: "mens, man"

Antoniemen
onmens

Verwante begrippen
menselijk wezen

Gepubliceerd op 04-12-2017