erg betekenis & definitie

erg - Bijvoeglijk naamwoord
1. verschrikkelijk, deerniswekkend, hevig, bar, heftig
tab tab1">♢ Katrina was de ergste ramp die New Orleans tot dusver overkomen is.
Wat is het toch erg dat ze kanker heeft.

erg - Bijwoord
1. in hoge mate, zeer, danig, heel
Dit is een erg moeilijke zaak.

erg - Zelfstandignaamwoord
1. het bewust zijn van iets
Ik heb daar geen erg in gehad.

Woordherkomst
van het Middelnederlandse woord arch, erch {{ebank|}}

Verwante begrippen
argwaan, argeloos, arglist, ergeren

Gepubliceerd op 14-11-2017