boek af betekenis & definitie

boek af - Werkwoord
1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afboeken
♢ Ik boek af
2. gebiedende wijs van afboeken
boek af!
3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afboeken
boek af<eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afboeken
♢ Ik boek af
2. gebiedende wijs van afboeken
boek af!
3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afboeken
boektegenwoordige tijd van afboeken
♢ Ik boek af
2. gebiedende wijs van afboeken
boek af!
3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afboeken
boek af je?

Gepubliceerd op 30-10-2017