Navorderingsaanslag betekenis & definitie

Een belastingaanslag die met toepassing van artikel 16 Algemene Wet inzake Rijksbelastingen tot stand komt, waarbij met terugwerkende kracht de belasting wordt vastgesteld die te weinig is geheven als gevolg van het feit dat ten onrechte een aanslag achterwege is gelaten of tot een te laag bedrag is vastgesteld.

De formalisering van een materiƫle belastingschuld gebeurt door het opleggen van een belastingaanslag (zogenoemde aanslagbelastingen ), dan wel door voldoening of afdracht op aangifte (zogenoemde aangiftebelastingen ). Aanslagbelastingen worden dus geformaliseerd door een belastingaanslag. Aangiftebelastingen door het indienen van een aangifte gevolgd door afdracht van de in die aangifte berekende belasting.

Niet uitgesloten is dat na het vaststellen van de belastingaanslag (aanslagbelastingen), of na de indiening en afdracht op aangifte (aangiftebelastingen), blijkt dat die aanslag of afdracht onjuist was. De wet verleent de inspecteur de mogelijkheid die eerdere onjuiste belastingaanslag of belastingafdracht te corrigeren. In het geval van aanslagbelastingen gebeurt dat door het vaststellen van een navorderingsaanslag (artikel 16 Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR). Bij aangiftebelastingen wordt de onjuiste aangifte en afdracht gecorrigeerd door oplegging van een naheffingsaanslag (artikel 20 AWR).

Niet alle onjuiste belastingaanslagen kunnen worden gecorrigeerd/nagevorderd. Er zijn wel degelijk beperkingen aan de correctiemogelijkheden van de inspecteur. Zo bepaalt lid 1 van artikel 16 AWR dat navordering alleen kan plaatsvinden bij een nieuw feit: een feit dat de inspecteur niet bekend was of redelijkerwijs bekend had kunnen zijn. Maar op deze hoofdregel bestaan uitzonderingen, namelijk in het geval de belastingplichtige te kwader trouw was ten aanzien van dat feit. Daarnaast kan altijd worden nagevorderd als de oorzaak van de onjuiste aanslag ligt in een onjuiste verrekening, een onjuiste verdeling, dan wel sprake is van een fout die de belastingplichtige redelijkerwijs kenbaar is. Navordering is in de meeste gevallen in tijd begrensd.

Mw. mr. A.L. Faber LL.M.