Wat is dat?

Wat is dat? Encyclopedie voor jongeren (1938).

Gepubliceerd op 09-08-2019

Figuren

betekenis & definitie

Het woord figuur kan van alles en nog wat betekenen.

Luister maar: „Teken een figuur, bestaande uit een driehoek met een rechthoek op één der zijden” — figuur in de betekenis van begrenzing van de ruimte.
„Kijk eens, wat een ingewikkelde figuren die moderne dansen toch hebben!” — in de betekenis van bewegingen.
„Die schilder is specialist in figuurstukken” en — op een reclamebord: „Hier worden de patronen der japonnen op het figuur van de dames geknipt” — in beide betekenissen wil figuur zeggen: menselijke gestalte.
Dan betekent figuur: persoonlijkheid. Zo spreekt men van de grote figuren uit een beweging of uit een bepaalden tijd.
In overdrachtelijken zin wordt het woord figuur gebruikt in de betekenis van stijlfiguur, d.w.z. een zinnebeeldige of figuurlijke uitdrukking of een andere taalvorm, waarin een schrijver of spreker zijn bizondere gewaarwordingen meedeelt.
De stijlfiguur is een eigenaardige manier van spreken, anders dan het gewone kalme praten, maar ook heel wat meer zeggend. De stijlfiguren worden meestal verdeeld in drie groepen, de eerste groep omvat figuren, die ideeën onderstrepen. Hiertoe behoren o.a. de repetitie of herhaling: „Die zijn fortuin verloren heeft, die zijn gezondheid verloren heeft, die zijn ziel verloren heeft, is dat niet een verloren man?” De synonimie, d.w.z. een opeenhoping van woorden, die ongeveer dezelfde betekenis hebben:
„Die zorgt, en waakt, en slaaft, en ploegt, en zwoegt, en zweet” (Vondel).
De antithese of tegenstelling:
„Wilde bossen worden meeren, Zeeën worden dorre grond”.
(Bilderdijk)
en nog heel wat andere figuren.
De tweede groep omvat de figuren, die ideeën vluchtig, minder zwaar, meer schetsmatig maken. Hiertoe behoren o.a. de p er i p h r a s e, die in de plaats van een ruw of onkies woord een ander gebruikt:
„Wij zaten aan een verveloos tafeltje en hadden het uitzicht op een vrij grote, kroosgroene eendenkom, een loods en een zeker ander klein gebouwtje.” (Hildebrand).
Het euphemisme (verzachting), dat we reeds hebben besproken, b.v.: „verscheiden” in de plaats van sterven, „lange vingers hebben” in de plaats van een dief zijn, enz.
Een derde groep omvat die stijlfiguren, die een diepe emotie uitdrukken, b.v.: „Helaas, helaas! hoe vlieden onze dagen, Hoe spoedt zich ieder uur met onzen luister heen!” (Willem van Haren).
De execratie of verwensing:
„O kon ik u zo krenken, dat uw hersens van den schrik verlamden!” (v. Deyssel)
en nog tal van andere figuren.
We konden er hier natuurlijk niet aan beginnen, alle soorten stijlfiguren, waaraan onze taal zo rijk is, op te noemen, maar ’t was ook alleen onze bedoeling, je duidelijk te maken, wat een stijlfiguur is.