voornamen

Voornamenboek

Gepubliceerd op 19-12-2020

Salomo

betekenis & definitie

m

Hebr. sjalomôh, gewoonlijk verklaard als 'de vreedzame'. Naam van de bekende koning van Israël, zoon van David en Batseba (1 Kon. 1-11); spreekwoordelijk geworden door zijn wijsheid. Als voornaam vooral in joodse kringen in gebruik. Bij Socin al in 772 (St.-Gallen), Bonn 853 (Littger 194: invloed van de Germ. naam Salman, Saleman(nus); Gent 1136 (Tavernier-Vereecken); Ze. 14e eeuw. Oudste gevonden voorb. in Holl. dateert van 1495; in de 16e eeuw wordt de naam frequenter. Vooral ook bij refugié-families in land van Cadzand en op Walcheren (Meertens, Ze. fn. 28).