Van Dale 1898

Groot woordenboek der Nederlandsche taal

Gepubliceerd op 06-12-2018

2018-12-06

WATERGANG

betekenis & definitie

WATERGANG - v. (-en), loop van het water; eene uitwateringssluis met 3 watergangen, openingen; de afmetingen der sluizen en watergangen, tochtslooten;

— (zeew.) dikke plank die aan weerszijden van het dek is aangebracht, tot hetwelk zij mede behoort;
...GARF, v. (...ven), watersprong welks stralen schoofvormig opstijgen.